Home Tags Tips

Tag: tips

9 tips tegen insecten bij paarden

0

Het is weer mooi weer en dat betekent dat de zomer nu echt in zicht is. Hoewel iedereen geniet van de eerste zonnestralen, slaat bij ruiters de twijfel alweer toe: Hoe ga ik er dit jaar voor zorgen dat mijn paard geen last heeft van vliegen?

Paarden zijn gevoelig voor allerlei soorten parasieten, zoals huisvliegen, paardenvliegen, muggen, dazen, teken, luizen en mijten. Deze insecten kunnen onder andere zorgen voor dermatitis, jeukende plekken op de huid en infecties als bindvliesontsteking. Ook verspreiden de parasieten soms zelfs andere ziekten.

Dierenarts Wendy Talbot vertelde aan Horsetalk dat vliegen toch echt wel een nadeel zijn van het betere weer. Maar… “Als je op tijd begint met het voorkomen dat de vliegen zich voortplanten in de omgeving van je paard, kun je ook verhelpen dat je paarden er het gehele seizoen last van hebben.”

Soorten insecten

Bijtende vliegen zijn vooral vervelend omdat zij jeuk kunnen veroorzaken. Ook muggen zijn hierdoor vervelende beestjes. Er zijn veel verschillende soorten muggen en vliegen, waarvan sommigen ook nare ziektes meebrengen zoals het West Nijl virus, een redelijk onbekende ziekte die hersenverschijnselen kan geven bij mens en paard. Deze ziekte komt vooral voor in mediterrane regio’s, Zuid- en Oost-Europa, West-Azië, Noord-Amerika en Zuid-Afrika. Toch kan de ziekte, door middel van trekvogels en muggen, ook in Nederland voorkomen.

De meeste vliegen wonen en broeden in warme, vochtige omstandigheden. Dit kan zijn op de mesthoop, op rottende bodembedekking of rottend voedsel. Vanuit deze onsmakelijke broedplaatsen kunnen zij bacteriën verspreiden naar je paard. Dit is vooral lastig bij kwetsbare gebieden als ogen en wonden. Hierdoor ontstaan dan ook infecties.

Voorkomen van insecten

“De beste manier om de overlast van vliegen te verminderen, is door middel van het managen van de omgeving van je paard. Zo houd je controle over de broedplekken van de plaagdieren. Ook is het handig om een goed vliegen afstotend middel of insecticide bij de hand te hebben.” zegt Talbot.

“Het is belangrijk om te begrijpen wat het verschil tussen een afstotend middel en een insecticide is.” aldus Talbot. “Een vliegenspray maakt het paard minder aantrekkelijk voor vliegen, terwijl een insecticide juist gericht is op het doden van de beestjes. Zij hoeven maar even in contact te zijn geweest met insecticide, en zij zijn al dood. Voor optimaal gebruik van insecticide moet je er al mee beginnen voor het vliegenseizoen is gestart om het broeden te voorkomen. Regelmatige herhaling is nodig.”

De tips

  1. Zorg er voor dat de insecticide die je gebruikt, speciaal gemaakt is voor het gebruik bij paarden.
  2. Gebruik een insecticide op de deken van je paard. Voor de gevoelige delen van het dier, zoals de oren, kun je een speciale crème gebruiken.
  3. Zoek een insecticide dat speciaal gemaakt is voor gebruik rondom de paardenstal. Er zijn plekken waar vliegen altijd zitten, zoals de nok van het dak. Controleer altijd het etiket zorgvuldig om te zorgen dat het veilig is om te gebruiken rondom de paarden.
  4. Mest je stal iedere dag goed uit en breng de mest gelijk weg, zodat de vliegen daar niet in kunnen broeden dicht bij je paard. De stal van je paard moet altijd schoon zijn.
  5. Mesthopen moeten uit de buurt zijn van waar je paard slaapt en graast. Dit zijn natuurlijk fantastische broedplekken voor de vervelende insecten.
  6. Een schoon, goed verzorgd paard zal over het algemeen minder vliegen aantrekken. Goed poetsen dus!
  7. Zorg er voor dat er geen waterplassen zijn in de buurt van de stal, dit zijn optimale broedplekken.
  8. Investeer in een goede vliegendeken of een goed vliegenmasker als je paard er echt veel last van heeft. De vliegendeken kun je eventueel nog behandelen met insecticide voor optimale bescherming.
  9. Zet je paard ’s morgens en ’s middags op stal, dan zijn de meeste vliegen druk in de weer.

Onderzoekt toont aan dat zebrastrepen ook werken tegen vliegen. 

Bron: Horsetalk

Foto: Shutterstock

Zo bereid je jezelf voor op de geboorte van een veulen

0
veulen

De geboorte van een veulen is zowel een mooie als een spannende tijd voor een fokker. Goed voorbereid zijn is de sleutel tot gemoedsrust.

Als fokker heb je elf maanden uitgekeken naar de geboorte van je veulen. En waarschijnlijk zelfs al veel langer, toen je een keuze moest maken welke hengst je voor je merrie zou kiezen.

Nu je merrie (bijna) is uitgerekend komen de praktische zaken. Een aantal tips:

Vaccinaties

Het is aan te raden om minimaal een maand voor de uitgerekende datum van de merrie de laatste griep- en tetanusvaccinaties te laten geven. Dit zorgt ervoor dat je veulen de eerste maanden van zijn leven beschermd is tegen virussen van buitenaf.

Ontwormen

Om te voorkomen dat er wormeneitjes door het lichaam van de merrie in de melk van het veulen terecht komen, is het handig om de merrie twee á drie dagen voor de uitgerekende datum te ontwormen.

Controleer wel altijd op de bijsluiter of het medicijn aan een drachtige merrie gegeven mag worden.

Omgeving

Beslis ruim van tevoren waar je wil dat je merrie gaat veulenen. Veel mensen pleiten ervoor om de merrie in een stal te laten werpen, maar een paddock of weide kan natuurlijk ook. Zorg er wel voor dat je merrie niet te ver weg kan lopen en dat ze altijd binnen het bereik van een lichtbron blijft. Veel merries willen graag bevallen als het donker en rustig is, maar als het nodig is, wil je haar wel kunnen zien!

Als je er wel voor kiest om je merrie in een stal te laten veulenen, moet deze stal wel groter zijn dan een standaard stal. De merrie moet voldoende ruimte hebben om te liggen. Het is aan te raden om stro te gebruiken om het moment dat het veulen komt. Stro is niet gevaarlijk als het veulen dit wil eten en een dik strobed voorkomt schade tijdens eventuele valpartijen.

Veulen-kit

Het is handig om een aantal zaken voorhanden te hebben, die je nabij de stal van je drachtige merrie bewaart. Daarin zitten onder meer:

  • Het telefoonnummers van de dierenarts
  • Steriele handschoenen
  • Schaar
  • Navelstrengklem
  • Spray om te ontsmetten
  • Handdoeken
  • Thermometer
  • Veulenbiest
  • Melkvervanger
  • Zaklamp

Verdiep je, in overleg met je dierenarts, ook eens in middelen waarmee je een veulen in geval van nood kunt reanimeren.

Over het algemeen kan een merrie zich prima zelf redden tijdens de bevalling, maar het is nooit verkeerd om een oogje in het zeil te houden. En bovendien wil je van dit mooie moment uiteraard zo min mogelijk missen.

Bron: Horse&Hound / Cap Magazine

Foto: Isa Wessels

Zeven niet-paardendingen die handig zijn op stal

0
Lopen naast een paard

Waarschijnlijk zit je zadelkast vol met paardenspullen. Je zadel en hoofstel hangen er natuurlijk in, en daarnaast heb je natuurlijk meerdere dekjes, verschillende borstels en halsters.

Maar er zijn ook genoeg zaken die niks met paarden te maken hebben, maar die je er toch goed bij kunt hebben. We zetten er zeven op een rij.

Extra telefoonoplader

Als je alleen op stal bent is het verstandig om altijd een telefoon bij je te hebben. Zo kan je altijd iemand bereiken als er wat aan de hand is. Dit lukt natuurlijk niet als je telefoon leeg is. Zorg er daarom voor dat je standaard een telefoonlader in je kast hebt liggen.

Pleisters

Ken je dat? Je lette net niet goed genoeg op tijdens het op stal zetten van je paard en nu zat je vinger klem. Of je hebt een blaar op je hand omdat je paard tijdens het longeren zo fris was dat de longeerlijn door je handen schoot. (Trek dan ook handschoenen aan!)

Voor dit soort kleine ongelukjes is het handig dat je altijd pleisters binnen handbereik hebt.

Sudocrème

Sudocrème is super handig om op stal te hebben. Je kan dit gebruiken voor kleine wondjes bij je paard, zoals mok of een bijtwond. Maar het werkt ook perfect als zonnebrandcrème voor de neus en mond van je paard.

In sudocrème zit zink dat niet alleen verkoelend werkt, maar ook een samentrekkende (adstringerende) werking heeft. Hierdoor kunnen wondjes versneld herstellen. De indampende werking op vocht zorgt voor indroging van de ingesmeerde plek.

Tandenborstel

Een tandenborstel? Ja echt waar! De tandenborstel gebruik je om de kleine plekjes van je zadel en hoofdstel in te vetten. Zo kom je gemakkelijk bij het stukje achter het clipje van je hoofdstel en de naadjes van je zadel.

Babydoekjes

Babydoekjes zijn echt de oplossing voor alles. Je kan deze dingen letterlijk overal voor gebruiken. Je spullen zoals je zadel, hoofdstel en peesbeschermers gaan er door glimmen. En je kunt ze ook gebruiken voor de neus en ogen van je paard, dit is de perfect finishing touch als je op wedstrijd gaat of een fotoshoot hebt.

En wat denk je van je eigen handen? Die maak je snel even schoon als je geen stromend, schoon water in de buurt hebt.

Haarelastiekjes

Op de een of andere manier knappen elastiekjes altijd als je nét van plan bent om op je paard te stappen. En wat is er nou vervelender dan rijden met lange, losse haren?

Het is dan ook fijn als je elastiekjes op voorraad hebt, en dan het liefst in iedere zak van je broek, jas, bodywarmer en vest. En dan bedoelen we niet de invlecht-stiekjes van je paard…..

Naald

Ken je dat?: Kom je op stal en dan heeft je paard wéér een gat in zijn deken gemaakt. Uiteraard gebeurt dit alleen als het buiten super hard regent, dus hem zonder deken zetten is ook geen optie.

Als je naald en draad in je kast hebt liggen, kan je het gat gemakkelijk repareren. Ideaal!

Houd er wel rekening me dat een deken die je met naald en draad hebt gerepareerd op die plek niet meer (goed) waterdicht is. Een reparatiesetje om je waterdichte deken te repareren is dus ook absoluut een must!

Multifunctionele kruk

Oh en de laatste past niet in je kast, dus tellen we ook niet mee. Maar wat op geen enkele stal mag ontbreken is het superhandige houten krukje van het alom bekende Zweedse meubelwarenhuis.

Niet alleen onmisbaar als opstaphulp, maar gewoon multi-inzetbaar. Om op te zitten, om de voorpluk van je paard mee in te kunnen vlechten en ook je instructeur zal dankbaar zijn dat hij tijdens je les aan de bakrand staat!

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Foto: archief

Vier dingen die je kan doen met je drachtige merrie

0
Drachtige merrie
Drachtige merrie

De lente komt er weer aan. Dit betekent dat de eerste veulentjes geboren worden. Veel drachtige merries zullen straks in het stadium komen dat rijden net wat te zwaar wordt. Maar helemaal stilzetten is ook niet altijd goed voor je drachtige paard.

Dat je merrie drachtig is betekent niet dat je moet stoppen met rijden. Door regelmatig te trainen kan je de merrie goed in vorm houden. Over het algemeen zul je drie maanden voor de bevalling (vanwege een groeispurt van het veulen) en drie maanden na de bevalling minder, of zelfs niet kunnen trainen. Dit verschilt natuurlijk per paard. De ene merrie kan tot een week voor de bevalling nog rustig gereden worden, terwijl de ander drie maanden van tevoren al aangeeft niet meer te willen. Het is dus, vooral in dit geval, belangrijk om goed te luisteren naar je paard.

Cap geeft je tips over wat je kan doen met je drachtige merrie.

 

Wandelen

Om je merrie  in conditie te houden kan je met haar gaan wandelen. Dit kan in het bos of op de hei, maar ook gewoon op de weg of in de bak. Het gezellige hieraan is dat je het samen met je paard kan doen, samen ‘trainen’ is tenslotte gezelliger dan alleen! Mocht je paard dit erg leuk vinden en aangeven dat er wel een tandje bij mag, kan je haar ook naast de fiets laten lopen, als ze daar al goed mee bekend is. Dit moet natuurlijk wel veilig blijven voor jullie en de omgeving!

Uitgebreide poetsbeurt

Sommige merries worden super aanhankelijk tijdens de dracht. De perfecte tijd voor een uitgebreide poetsbeurt. Je kan alle winterharen er af rossen, je paard wassen tot ze glanst en daarna kan je haar weer een mooi fris kapsel geven. Zo is ze helemaal klaar voor de bevalling.

Foto’s maken

Je kan prachtige foto’s maken van je drachtige merrie. De dikke buik is weer eens wat anders dan anders en zorgt voor mooie portretfoto’s. Het is leuk om een serie te maken van het begin van de dracht, tot wanneer het veulen er is. Maak elke week een foto vanaf hetzelfde standpunt en zet die uiteindelijk naast elkaar. Een superleuke herinnering om later op terug te kijken!

Vrijheidsdressuur

Dat de fysieke training te zwaar wordt, betekent niet dat de merrie mentaal niks meer aankan. Je kan bijvoorbeeld beginnen met vrijheidsdressuur. Kleine dingetjes zoals flemen, schudden en kusjes zijn makkelijk aan te leren. Kunstjes zoals voetje en spagaat zijn iets moeilijker, maar deze zijn wel goed voor de flexibiliteit en lenigheid van je merrie.

Christa Bodaan geeft tips voor het nieuwe weideseizoen

0

Hoewel het waarschijnlijk niet het eerste is waar je aan denkt met dit weer, kunnen we ons al voorzichtig weer verheugen op de eerste keer dat je paard weer de wei op kan.

Maar waar moet je op letten wanneer je je paard weer voor de eerste keer op de wei zet? En hoe voorkom je aandoeningen als hoefbevangenheid en koliek?

Cap sprak met Christa Bodaan, dierenarts en chirurg bij paardenkliniek EquiTom.

Risico

Als je de paarden voor de eerste keer weer op het land zet, is het belangrijk om de uren op te bouwen. Je kan ze bijvoorbeeld elke dag een half uur langer op de wei zetten, zodat ze kunnen wennen aan de vrije beweging maar ook aan het verteren van vers gras.

“Je moet er ook rekening mee houden op wat voor soort gras ze staan,” legt Christa Bodaan uit. “Land geschikt voor melkvee, bevat vaak meer calorieën dan ‘normaal’ gras; je moet er dus rekening mee houden dat je paard er niet ineens te veel van binnen krijgt. De microben die ín de darmen zitten zorgen voor de vertering van gras. Als er opeens heel veel suiker binnenkomt, kunnen de microben van slag raken, hierdoor kan overmatige gasvorming en koliek ontstaan.”

Invloed

Als je de weidegang niet goed opbouwt, kan dat gevolgen hebben. “Paarden die direct de hele dag op het land staan, hebben meer kans op koliek en/of hoefbevangenheid. Dat betekent niet dat automatisch elk paard hetzelfde risico loopt, maar je hebt als eigenaar wel invloed op dat risico. Wat je ook in de gaten moet houden is dat een verse wei, waar veel gras op staat, heel veel calorieën bevat. Dus dat je moet uitkijken dat je paard niet heel snel te dik wordt.”

Als je paard heel gevoelig is voor hoefbevangenheid, kan je hem beter op een hele kale weide of zandpaddock zetten en hooi voeren. Is hij enkel gevoelig voor suikers dan kan het paard beter ’s ochtends vroeg naar buiten. Na een zonnige dag zitten er in de namiddag, de meeste suikers in het gras.

Voer

­Of de paarden nog bijgevoerd moeten worden is afhankelijk van het land en van het paard.

“We hebben tegenwoordig heel goed uitgebalanceerd voer. Als je zeker wilt weten dat je paard alle vitamines en spoorelementen binnenkrijgt, kan je daar nog een handje van geven. Maar over het algemeen zitten er heel veel vitamines en voedingsstoffen in vers gras, en dat is heel goed voor ze.” Paarden die grote atletische prestaties leveren hebben mogelijk extra energie in de vorm van krachtvoer nodig.

Oplossing?

Bodaan ziet niet voor ieder paard de oplossing in een graasmasker, om de inname van gras te beperken. “Graasmaskers zijn een mooie uitvinding, is niet voor ieder paard effectief. We gebruiken ze vaak voor pony’s, omdat die nu eenmaal snel te dik worden. Shetlanders bijvoorbeeld lopen een verhoogd risico op hoefbevangenheid. Deze pony’s zijn ook ontzettend slim, vaak leren ze om door het masker heen te eten en krijgen zo dus toch gras binnen.  Wanneer je het masker een gedeelte van de dag op doet, en ze daarna een uurtje of twee zonder masker laat grazen, is gebleken dat de pony’s in die korte periode bijna net zo veel eten als een paard wat de hele dag zonder masker staat. Ze eten hun buikje helemaal rond.”

Tips

Planten

Bodaan geeft aan dat er flink wat giftige planten zijn die je uit de wei moet halen zodra je ze ziet. “Esdoornzaden, Jacobs kruid, Sint-janskruid zijn voorbeelden daarvan. Zorg dat er geen buxus of taxus planten in de buurt zijn, dat zijn takjes die vaak gebruikt worden voor heggen. Mocht je weiland grenzen aan je tuin, zorg er dan voor dat de paarden niet aan de heg kunnen knabbelen.”

Ontwormen

“Ontwormen is extra belangrijk als de paarden buiten lopen, want buiten hebben ze meer risico op het opnemen van wormeitjes. Het is geadviseerd om een mestonderzoek te laten doen en aan de hand van de resultaten al dan niet een geschikte ontwormer te gebruiken. Overmatig of verkeerd gebruik van ontwormingsmiddelen verhoogt het risico op resistentie wanneer wormen niet meer gevoelig zijn voor een bepaald ontwormingsmiddel. Door middel van een onderzoek kun je met zekerheid vaststellen of je paard wormen heeft en welke.’’

Omheining

“Zorg dat je een veilige omheining hebt. Paarden kunnen zich ontzettend lelijk beschadigen aan hekken, bijvoorbeeld als ze uitbreken of vast komen te liggen. ”

Beschutting

“Er is een Europese wetgeving met betrekking tot de beschutting in een weiland. Niet zozeer voor de regen, want daar kunnen paarden heel goed tegen. Maar in de zomer, als het heet is, moet je zorgen dat er schaduw is voor de paarden, zodat ze niet oververhit raken.” Qua ruimte is de richtlijn: 1.000 à 2.500 m2 per dier, met een maximum van vier grote weidedieren per hectare.

Ezels & schapen

“Paarden en ezels samen laten grazen is in principe geen probleem. Je moet alleen ezels wel laten testen op longwormen. Ezels kunnen longwormen hebben, zonder dat ze er klinische problemen door krijgen Bij paarden kunnen deze problemen wel tot uiting komen. Als het heel nat is en je paard staat samen met schapen, is er risico op leverbot, een parasiet die vooral bij herkauwers voorkomt. Paarden kunnen deze ook krijgen, de mest kan hierop getest worden.”

Conclusie

Al met al moeten deze ‘gevaren’ je er zeker niet van weerhouden om je paard op het weiland te zetten; er zitten namelijk ook heel veel voordelen aan. “Vooral voor hun maag- darmkanaal, vitamineopname, het gebit en de spieropbouw is het heel voordelig.”

Verder is natuurlijk het sociale aspect van de paarden van belang. Ze kunnen elkaar immers  kriebelen, met elkaar spelen en genieten van de ruimte die ze hebben.

Bron: Cap / Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Foto: archief

 

Een nieuw paard thuisbrengen, zo doe je dat

0
Paarden in de wei
Paarden in de wei

Na lang zoeken heb je dan eindelijk je droompaard gevonden. Nadat hij goedgekeurd is, mag je hem meenemen naar huis. Een spannend moment voor zowel jou als het paard.

In deze situatie moet je er rekening mee houden dat je je nieuwe paard weghaalt uit zijn vertrouwde omgeving, bij zijn vrienden weg. Het is daarom cruciaal dat de eerste indruk van zijn nieuwe huis goed is, maar hoe kan je dat nu het beste doen?

Voorbereiding

Voordat je nieuwe paard komt, zijn er al dingen die je kan voorbereiden. Net als mensen zijn paarden veel gevoeliger voor infectieziekten als ze stress hebben, zorg er daarom dus voor dat alle betrokken paarden ingeënt zijn.
Dit geldt voor de paarden die al op stal of in de wei staan, maar uiteraard ook voor de nieuwkomer.

Rantsoen

Een ander factor om rekening mee te houden is wat je je paard gaat voeren. Wanneer hij op een nieuwe locatie ook meteen ander voer krijgt, is er een kans dat hij daarvan nog meer stres krijgt, of wellicht helemaal niet wil eten.

Zorg er dus voor dat je van tevoren weet wat, wanneer en hoeveel voer je paard kreeg bij de vorige eigenaar. Mocht je je paard toch hetzelfde willen geven als de rest van de paarden, moet je het voer geleidelijk aanpassen. Onderzoek heeft aangetoond dat plotselinge veranderingen in voer tot problemen zoals koliek kunnen leiden.

Water

Je moet er ook op letten dat je paard genoeg drinkt. Paarden zijn vaak kieskeurig over het drinken van onbekend water, maar ze zullen niet zo halsstarrig zijn dat ze uitgedroogd raken. Zorg er voor dat je paard altijd de beschikking heeft over vers water en laat hem zien waar hij het water kan vinden, mocht dat nodig zijn.

Stal en wei

Voordat je je nieuwe paard meeneemt, moet je uiteraard de huisvesting goed op orde hebben. Houd rekening met de veiligheid van het paard bij het kiezen van materialen en locatie. Zorg er voor dat de omheining van de wei stevig is, want het is niet ongebruikelijk dat nieuwe paarden proberen te ontsnappen.

Wanneer je je nieuwe paard in de weide zet, doe dit dan de eerste tijd apart van zijn nieuwe weidegenoten. Het is aan te raden eerst een paar rondjes samen met hem door de wei te lopen, zodat je kunt laten zien waar zijn voer en water te vinden zijn.

Ontmoeting

Voordat je de nieuwkomer bij de rest van de paarden zet, is het goed om te bedenken of het weiland groot genoeg is om er nog een paard in te zetten. Te veel paarden in een klein weiland of paddock zullen ruzie gaan maken over de ruimte en het voer. Een goede vuistregel is om ongeveer een hectare weiland per paard te hanteren.

In het begin zal de kudde best een beetje van slag zijn. Ze kunnen gaan rennen, dus zorg er voor dat de omgeving daar veilig genoeg voor is. Zorg ook dat er geen obstakels zoals gaten in de wei zitten of dat er voertuigen (zoals een tractor) in de wei geparkeerd staan. Deze kunnen ernstige verwondingen veroorzaken bij angstige paarden.
Een manier om de paarden aan elkaar te laten wennen is door ze eerst een aantal dagen van elkaar te scheiden door middel van een hek of schrikdraad. Er bestaat een grote kans dat het nieuwe paard al snel een voorkeur krijgt voor een van zijn buren, die hem later kan begeleiden bij de introductie in de kudde.

Aantal opbouwen

In de ideale situatie, waarin je voldoende weiland tot je beschikking hebt en veel tijd, kun je hierna het aantal paarden van de kudde opbouwen. Voeg elke dag één of twee paarden meer toe en laat ze geleidelijk aan de nieuweling wennen.
In het begin zal het er misschien wat zielig uitzien, maar na een tijdje zijn de kudde én je nieuwe paard gewend, en zal je nieuwe aanwinst zich helemaal thuis voelen op zijn nieuwe plekje.

Bron: The Horse

Foto: archief

Tips voor het fotograferen van een paard

0
fotograferen

Ellen Sonck gaf tijdens de Flanders Horse Expo tips voor het fotograferen van paarden. Zij had daarvoor twee modellen meegenomen naar Gent: een bonte paard en een vos.

Beide paarden kenden de nodige vrijheidsdressuur-oefeningen, wat het onderwerp extra uitdagend maakte.

Fotoshoot

Ellen legt uit dat zij aan de eigenaren vraagt om hun paard te knuffelen. “Dat is eerst altijd wat ongemakkelijk,” gaf ze aan. “Op mijn website heb ik een blog geschreven met allerlei tips om aan te denken voor de fotoshoot.”

“Tijdens de shoot denk ik alvast na over hoe ik de foto’s daarna wil bewerken. Zo bedenk ik bijvoorbeeld waar het model haar handen moet houden en of ik het halster eventueel weg kan werken met behulp van Photoshop.

Binnen fotograferen

Hierna is er nog tijd voor vragen uit het publiek. Iemand wil weten hoe je het beste binnen foto’s maakt. “Het maken van binnenfoto’s blijft lastig,” erkent Ellen. Je hebt in ieder geval een sterke lens nodig en je instelling op een hoge ISO-waarde zetten.”

Bron: Capmagazine

Foto: Capmagazine