Home Tags Tips

Tag: tips

Vier dingen die je kan doen met je drachtige merrie

0
Drachtige merrie
Drachtige merrie

De lente komt er weer aan. Dit betekent dat de eerste veulentjes geboren worden. Veel drachtige merries zullen straks in het stadium komen dat rijden net wat te zwaar wordt. Maar helemaal stilzetten is ook niet altijd goed voor je drachtige paard.

Dat je merrie drachtig is betekent niet dat je moet stoppen met rijden. Door regelmatig te trainen kan je de merrie goed in vorm houden. Over het algemeen zul je drie maanden voor de bevalling (vanwege een groeispurt van het veulen) en drie maanden na de bevalling minder, of zelfs niet kunnen trainen. Dit verschilt natuurlijk per paard. De ene merrie kan tot een week voor de bevalling nog rustig gereden worden, terwijl de ander drie maanden van tevoren al aangeeft niet meer te willen. Het is dus, vooral in dit geval, belangrijk om goed te luisteren naar je paard.

Cap geeft je tips over wat je kan doen met je drachtige merrie.

 

Wandelen

Om je merrie  in conditie te houden kan je met haar gaan wandelen. Dit kan in het bos of op de hei, maar ook gewoon op de weg of in de bak. Het gezellige hieraan is dat je het samen met je paard kan doen, samen ‘trainen’ is tenslotte gezelliger dan alleen! Mocht je paard dit erg leuk vinden en aangeven dat er wel een tandje bij mag, kan je haar ook naast de fiets laten lopen, als ze daar al goed mee bekend is. Dit moet natuurlijk wel veilig blijven voor jullie en de omgeving!

Uitgebreide poetsbeurt

Sommige merries worden super aanhankelijk tijdens de dracht. De perfecte tijd voor een uitgebreide poetsbeurt. Je kan alle winterharen er af rossen, je paard wassen tot ze glanst en daarna kan je haar weer een mooi fris kapsel geven. Zo is ze helemaal klaar voor de bevalling.

Foto’s maken

Je kan prachtige foto’s maken van je drachtige merrie. De dikke buik is weer eens wat anders dan anders en zorgt voor mooie portretfoto’s. Het is leuk om een serie te maken van het begin van de dracht, tot wanneer het veulen er is. Maak elke week een foto vanaf hetzelfde standpunt en zet die uiteindelijk naast elkaar. Een superleuke herinnering om later op terug te kijken!

Vrijheidsdressuur

Dat de fysieke training te zwaar wordt, betekent niet dat de merrie mentaal niks meer aankan. Je kan bijvoorbeeld beginnen met vrijheidsdressuur. Kleine dingetjes zoals flemen, schudden en kusjes zijn makkelijk aan te leren. Kunstjes zoals voetje en spagaat zijn iets moeilijker, maar deze zijn wel goed voor de flexibiliteit en lenigheid van je merrie.

Christa Bodaan geeft tips voor het nieuwe weideseizoen

0

Hoewel het waarschijnlijk niet het eerste is waar je aan denkt met dit weer, kunnen we ons al voorzichtig weer verheugen op de eerste keer dat je paard weer de wei op kan.

Maar waar moet je op letten wanneer je je paard weer voor de eerste keer op de wei zet? En hoe voorkom je aandoeningen als hoefbevangenheid en koliek?

Cap sprak met Christa Bodaan, dierenarts en chirurg bij paardenkliniek EquiTom.

Risico

Als je de paarden voor de eerste keer weer op het land zet, is het belangrijk om de uren op te bouwen. Je kan ze bijvoorbeeld elke dag een half uur langer op de wei zetten, zodat ze kunnen wennen aan de vrije beweging maar ook aan het verteren van vers gras.

“Je moet er ook rekening mee houden op wat voor soort gras ze staan,” legt Christa Bodaan uit. “Land geschikt voor melkvee, bevat vaak meer calorieën dan ‘normaal’ gras; je moet er dus rekening mee houden dat je paard er niet ineens te veel van binnen krijgt. De microben die ín de darmen zitten zorgen voor de vertering van gras. Als er opeens heel veel suiker binnenkomt, kunnen de microben van slag raken, hierdoor kan overmatige gasvorming en koliek ontstaan.”

Invloed

Als je de weidegang niet goed opbouwt, kan dat gevolgen hebben. “Paarden die direct de hele dag op het land staan, hebben meer kans op koliek en/of hoefbevangenheid. Dat betekent niet dat automatisch elk paard hetzelfde risico loopt, maar je hebt als eigenaar wel invloed op dat risico. Wat je ook in de gaten moet houden is dat een verse wei, waar veel gras op staat, heel veel calorieën bevat. Dus dat je moet uitkijken dat je paard niet heel snel te dik wordt.”

Als je paard heel gevoelig is voor hoefbevangenheid, kan je hem beter op een hele kale weide of zandpaddock zetten en hooi voeren. Is hij enkel gevoelig voor suikers dan kan het paard beter ’s ochtends vroeg naar buiten. Na een zonnige dag zitten er in de namiddag, de meeste suikers in het gras.

Voer

­Of de paarden nog bijgevoerd moeten worden is afhankelijk van het land en van het paard.

“We hebben tegenwoordig heel goed uitgebalanceerd voer. Als je zeker wilt weten dat je paard alle vitamines en spoorelementen binnenkrijgt, kan je daar nog een handje van geven. Maar over het algemeen zitten er heel veel vitamines en voedingsstoffen in vers gras, en dat is heel goed voor ze.” Paarden die grote atletische prestaties leveren hebben mogelijk extra energie in de vorm van krachtvoer nodig.

Oplossing?

Bodaan ziet niet voor ieder paard de oplossing in een graasmasker, om de inname van gras te beperken. “Graasmaskers zijn een mooie uitvinding, is niet voor ieder paard effectief. We gebruiken ze vaak voor pony’s, omdat die nu eenmaal snel te dik worden. Shetlanders bijvoorbeeld lopen een verhoogd risico op hoefbevangenheid. Deze pony’s zijn ook ontzettend slim, vaak leren ze om door het masker heen te eten en krijgen zo dus toch gras binnen.  Wanneer je het masker een gedeelte van de dag op doet, en ze daarna een uurtje of twee zonder masker laat grazen, is gebleken dat de pony’s in die korte periode bijna net zo veel eten als een paard wat de hele dag zonder masker staat. Ze eten hun buikje helemaal rond.”

Tips

Planten

Bodaan geeft aan dat er flink wat giftige planten zijn die je uit de wei moet halen zodra je ze ziet. “Esdoornzaden, Jacobs kruid, Sint-janskruid zijn voorbeelden daarvan. Zorg dat er geen buxus of taxus planten in de buurt zijn, dat zijn takjes die vaak gebruikt worden voor heggen. Mocht je weiland grenzen aan je tuin, zorg er dan voor dat de paarden niet aan de heg kunnen knabbelen.”

Ontwormen

“Ontwormen is extra belangrijk als de paarden buiten lopen, want buiten hebben ze meer risico op het opnemen van wormeitjes. Het is geadviseerd om een mestonderzoek te laten doen en aan de hand van de resultaten al dan niet een geschikte ontwormer te gebruiken. Overmatig of verkeerd gebruik van ontwormingsmiddelen verhoogt het risico op resistentie wanneer wormen niet meer gevoelig zijn voor een bepaald ontwormingsmiddel. Door middel van een onderzoek kun je met zekerheid vaststellen of je paard wormen heeft en welke.’’

Omheining

“Zorg dat je een veilige omheining hebt. Paarden kunnen zich ontzettend lelijk beschadigen aan hekken, bijvoorbeeld als ze uitbreken of vast komen te liggen. ”

Beschutting

“Er is een Europese wetgeving met betrekking tot de beschutting in een weiland. Niet zozeer voor de regen, want daar kunnen paarden heel goed tegen. Maar in de zomer, als het heet is, moet je zorgen dat er schaduw is voor de paarden, zodat ze niet oververhit raken.” Qua ruimte is de richtlijn: 1.000 à 2.500 m2 per dier, met een maximum van vier grote weidedieren per hectare.

Ezels & schapen

“Paarden en ezels samen laten grazen is in principe geen probleem. Je moet alleen ezels wel laten testen op longwormen. Ezels kunnen longwormen hebben, zonder dat ze er klinische problemen door krijgen Bij paarden kunnen deze problemen wel tot uiting komen. Als het heel nat is en je paard staat samen met schapen, is er risico op leverbot, een parasiet die vooral bij herkauwers voorkomt. Paarden kunnen deze ook krijgen, de mest kan hierop getest worden.”

Conclusie

Al met al moeten deze ‘gevaren’ je er zeker niet van weerhouden om je paard op het weiland te zetten; er zitten namelijk ook heel veel voordelen aan. “Vooral voor hun maag- darmkanaal, vitamineopname, het gebit en de spieropbouw is het heel voordelig.”

Verder is natuurlijk het sociale aspect van de paarden van belang. Ze kunnen elkaar immers  kriebelen, met elkaar spelen en genieten van de ruimte die ze hebben.

Bron: Cap / Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Foto: archief

 

Een nieuw paard thuisbrengen, zo doe je dat

0
Paarden in de wei
Paarden in de wei

Na lang zoeken heb je dan eindelijk je droompaard gevonden. Nadat hij goedgekeurd is, mag je hem meenemen naar huis. Een spannend moment voor zowel jou als het paard.

In deze situatie moet je er rekening mee houden dat je je nieuwe paard weghaalt uit zijn vertrouwde omgeving, bij zijn vrienden weg. Het is daarom cruciaal dat de eerste indruk van zijn nieuwe huis goed is, maar hoe kan je dat nu het beste doen?

Voorbereiding

Voordat je nieuwe paard komt, zijn er al dingen die je kan voorbereiden. Net als mensen zijn paarden veel gevoeliger voor infectieziekten als ze stress hebben, zorg er daarom dus voor dat alle betrokken paarden ingeënt zijn.
Dit geldt voor de paarden die al op stal of in de wei staan, maar uiteraard ook voor de nieuwkomer.

Rantsoen

Een ander factor om rekening mee te houden is wat je je paard gaat voeren. Wanneer hij op een nieuwe locatie ook meteen ander voer krijgt, is er een kans dat hij daarvan nog meer stres krijgt, of wellicht helemaal niet wil eten.

Zorg er dus voor dat je van tevoren weet wat, wanneer en hoeveel voer je paard kreeg bij de vorige eigenaar. Mocht je je paard toch hetzelfde willen geven als de rest van de paarden, moet je het voer geleidelijk aanpassen. Onderzoek heeft aangetoond dat plotselinge veranderingen in voer tot problemen zoals koliek kunnen leiden.

Water

Je moet er ook op letten dat je paard genoeg drinkt. Paarden zijn vaak kieskeurig over het drinken van onbekend water, maar ze zullen niet zo halsstarrig zijn dat ze uitgedroogd raken. Zorg er voor dat je paard altijd de beschikking heeft over vers water en laat hem zien waar hij het water kan vinden, mocht dat nodig zijn.

Stal en wei

Voordat je je nieuwe paard meeneemt, moet je uiteraard de huisvesting goed op orde hebben. Houd rekening met de veiligheid van het paard bij het kiezen van materialen en locatie. Zorg er voor dat de omheining van de wei stevig is, want het is niet ongebruikelijk dat nieuwe paarden proberen te ontsnappen.

Wanneer je je nieuwe paard in de weide zet, doe dit dan de eerste tijd apart van zijn nieuwe weidegenoten. Het is aan te raden eerst een paar rondjes samen met hem door de wei te lopen, zodat je kunt laten zien waar zijn voer en water te vinden zijn.

Ontmoeting

Voordat je de nieuwkomer bij de rest van de paarden zet, is het goed om te bedenken of het weiland groot genoeg is om er nog een paard in te zetten. Te veel paarden in een klein weiland of paddock zullen ruzie gaan maken over de ruimte en het voer. Een goede vuistregel is om ongeveer een hectare weiland per paard te hanteren.

In het begin zal de kudde best een beetje van slag zijn. Ze kunnen gaan rennen, dus zorg er voor dat de omgeving daar veilig genoeg voor is. Zorg ook dat er geen obstakels zoals gaten in de wei zitten of dat er voertuigen (zoals een tractor) in de wei geparkeerd staan. Deze kunnen ernstige verwondingen veroorzaken bij angstige paarden.
Een manier om de paarden aan elkaar te laten wennen is door ze eerst een aantal dagen van elkaar te scheiden door middel van een hek of schrikdraad. Er bestaat een grote kans dat het nieuwe paard al snel een voorkeur krijgt voor een van zijn buren, die hem later kan begeleiden bij de introductie in de kudde.

Aantal opbouwen

In de ideale situatie, waarin je voldoende weiland tot je beschikking hebt en veel tijd, kun je hierna het aantal paarden van de kudde opbouwen. Voeg elke dag één of twee paarden meer toe en laat ze geleidelijk aan de nieuweling wennen.
In het begin zal het er misschien wat zielig uitzien, maar na een tijdje zijn de kudde én je nieuwe paard gewend, en zal je nieuwe aanwinst zich helemaal thuis voelen op zijn nieuwe plekje.

Bron: The Horse

Foto: archief

Tips voor het fotograferen van een paard

0
fotograferen

Ellen Sonck gaf tijdens de Flanders Horse Expo tips voor het fotograferen van paarden. Zij had daarvoor twee modellen meegenomen naar Gent: een bonte paard en een vos.

Beide paarden kenden de nodige vrijheidsdressuur-oefeningen, wat het onderwerp extra uitdagend maakte.

Fotoshoot

Ellen legt uit dat zij aan de eigenaren vraagt om hun paard te knuffelen. “Dat is eerst altijd wat ongemakkelijk,” gaf ze aan. “Op mijn website heb ik een blog geschreven met allerlei tips om aan te denken voor de fotoshoot.”

“Tijdens de shoot denk ik alvast na over hoe ik de foto’s daarna wil bewerken. Zo bedenk ik bijvoorbeeld waar het model haar handen moet houden en of ik het halster eventueel weg kan werken met behulp van Photoshop.

Binnen fotograferen

Hierna is er nog tijd voor vragen uit het publiek. Iemand wil weten hoe je het beste binnen foto’s maakt. “Het maken van binnenfoto’s blijft lastig,” erkent Ellen. Je hebt in ieder geval een sterke lens nodig en je instelling op een hoge ISO-waarde zetten.”

Bron: Capmagazine

Foto: Capmagazine