Home Tags Dierenarts

Tag: dierenarts

Esmee Smiet: “Zestig procent van de kreupelheid door artrose”

0
In een groot deel van de kreupelheidsgevallen is artrose de boosdoener
© DigiShots

In een groot deel van de kreupelheidsgevallen is artrose de boosdoener, namelijk 60%. Maar wat is artrose, en hoe ontstaat het?

Artrose is een chronisch probleem van het kraakbeen van het gewricht. Artrose komt vooral voor in de benen, maar kan ook ontstaan in de hals of rug. Gewrichten zorgen ervoor dat botdelen soepel bewegen. Het bestaat uit kraakbeen, het kapsel, gewrichtsvloeistof en twee botdelen. Aan het uiteinde van deze botdelen zit het kraakbeen, dat is glad en enisgzins elastisch en geeft daardoor schokdemping bij belasting.

Beschadiging

“Het probleem is dat kraakbeen heel slecht herstelt”, vertelt Esmee Smiet, Europees Specialist Interne Geneeskunde van het Paard in een gesprek met de KNHS. “De doorbloeding is dan vaak niet goed en het groeit langzaam. Door meer beschadiging slijt het gewricht nog sneller en heeft het nauwelijks kans om te herstellen. Die slijtage begint met heel kleine beschadigingen die hand in hand gaan met ontsteking in het gewricht.”

“Door de ontsteking wordt ook de gewrichtsvloeistof meer en wateriger, het gewricht wordt dan dik. Dit leidt weer tot het minder soepel langs elkaar heen glijden van het kraakbeen en zorgt voor nog meer beschadiging. Zo ontstaat een vicieuze cirkel waarin het kraakbeen alsmaar dunner wordt en de ontsteking zichzelf onderhoudt. Dat veroorzaakt pijn en die uit zich in kreupelheid. Als de kraakbeenafbraak verder doorgaat, zijn soms zelfs onderliggende veranderingen van het bot mogelijk. Dit langdurige en chronische proces noemen we artrose.”

Symptomen

Op plekken waar artrose ontstaat  wordt het gewricht pijnlijk en dikker en het paard begint te kreupelen. “Verschijnselen van dit soort aandoeningen zijn niet altijd even helder en variëren, wat oplettendheid van de eigenaar belangrijk maakt. Gewrichten die overvuld zijn, laten aan de buitenkant een zwelling zien. Een paard met artrose in de benen zal vaak al enige tijd wat stijver gaan bewegen of heeft bijvoorbeeld wat moeite met opstaan.”

Paarden geven vaak kleine maar wel zichtbare signalen af. Bekijk je paard dus altijd goed. “Instructeurs kunnen hierin ook een rol spelen, net als bijvoorbeeld fysiotherapeuten.”

Artrose betekent niet automatisch ook het einde van de rijcarrière van een paard. Er zijn talloze (nieuwe) behandelmethodes, maar veel hangt af van de diagnose die je dierenarts en/of specialist stelt.

Meer hierover lees je in het volledige artikel op de website van de KNHS.

Lees het hele artikel hier.

Bron: KNHS

Chronisch Progressief Lymfoedeem

0
Chronisch Progressief Lymfoedeem CPL komt veel voor bij paarden met veel behang. Zoals een belgisch trekpaard of een fries
Foto: Digishots

Een aandoening die veel voorkomt bij paarden met veel behang, zoals Belgische Trekpaarden en Friezen, is Chronisch Progressief Lymfoedeem (CPL). Deze aandoening lijkt een beetje op mok maar is niet hetzelfde, daardoor wordt mok vaak verward met CPL.

Mok is een verzamelnaam voor veel huidaandoeningen die op de onderbenen van paarden kunnen voorkomen. CPL komt voort uit slecht functionerende lymfevaten in de onderhuid.

Wat is CPL?

Het komt voor dat in het onderhuidse weefsel en rond de lymfevaten een gebrek aan elastine in de huid is. Daardoor kan vocht niet goed worden afgevoerd en blijft het langdurig aanwezig in de onderbenen. Het grote hoeveelheid vocht vergroot de cellen waardoor het been dik blijft.

Op een leeftijd van twee tot vier jaar ontstaan de eerste symptomen van deze aandoening. Achterbenen zijn vaak ernstiger aangetast dan de voorbenen. In het begin is vooral de huid in de kootholte schilferig en verdikt. Er ontstaan dikke huidwrongen met daartussen kloven. Dat neemt steeds meer toe en verspreidt zich steeds meer op de onderbenen van het paard. Na een langere periode ontstaan er grote huidknobbels. Het komt vaak voor dat ook de hoornkwaliteit van de hoeven wordt aangetast.

Behandelingsmogelijkheden

Het is nog niet mogelijk om CLP te genezen. Je kunt wel de uitbreiding en de ernst beperken. Het is erg belangrijk om je paard dagelijks te laten bewegen, voorkom infecties met bacteriën en mijten en houd het behang aan de benen zoveel mogelijk droog. Het kan helpen om je viervoeter supplementen te geven om de lymfevaten zo gezond mogelijk te houden.

De juiste voeding

Het omega 3-supplement wordt het meest aangeraden om toe te voegen aan het rantsoen van je paard. “Omega 3-vetzuren kunnen niet door het paard zelf worden aangemaakt en moeten dus via de voeding worden aangevoerd. Rantsoenen met veel omega-3-vetzuren kunnen helpen om de elasticiteit van de huidcellen te verhogen. Dit is belangrijk voor paarden die aan vormen van huidirritatie lijden”, zegt Lizzy Drury. Zij is voedingsexpert bij het Britse Saracen Horse Feeds.

Het is ook aan te raden om vitamine E-supplementen toe te voegen. “Er zijn aanwijzingen dat het ondersteunen van een optimaal immuunsysteem zal helpen om de symptomen van CPL te verlichten. Vitamine E is een krachtige antioxidant die de immuun-, cardiovasculaire, bloedsomloop-, neuromusculaire en reproductieve systemen ondersteunt.”

Supplementen zullen paarden niet genezen van Chronisch Progressief Lymfoedeem, maar het kan de ziekte vertragen en het dragelijker maken voor je paard.

 

Bron: Paardenpunt Vlaanderen

Luizen en mijten: Jeuk, jeuk en nog eens jeuk!

0
Luizen en mijten: Jeuk, jeuk en nog eens jeuk!

Het is nu de tijd voor luizen en mijten. Vooral bij koude temperaturen kunnen paarden last krijgen van deze beestjes. Door de dikke wintervacht vinden de jeukbeestjes het fijn om in een warme vacht te kruipen.

Maar ook nu we richting de lente gaan kunnen we luizen of mijten ontdekken bij onze viervoeters. Doordat vanwege de rui de weerstand van je paard vermindert, zijn ze vatbaarder voor parasieten.

Ectoparasieten zijn parasieten die aan de buitenkant van het dier zitten. In België en Nederland gaat het vooral om de luizen en de mijten bij paarden.

Luizen

Je hebt de bijtende luis en de zuigende luis. Paarden hebben meestal de bijtende luis. De luis en de eitjes van de luis, neten, zijn met moeite te zien op de paardenhuid. Op de hals en de romp begint vaak de infectie. De luis leeft in de huidschilfers. Het verschilt heel erg per paard of hij er veel last van heeft of niet. Er ontstaat vaak flinke jeuk, kale plekken en schilfering.

De zuigende luis leeft van bloed- en weefselvloeistof. Bij een ernstige besmetting kan bloedarmoede ontstaan.

Mijten

De schurftmijt is een klein beestje dat een besmettelijke aandoening veroorzaakt: Scabiës of schurft. Dit beestje is niet met het blote oog te zien. De mijt graaft gangetjes oppervlakkig in de huid en legt daar haar eitjes.

Qua mijten bestaan er verschillende soorten. De belangrijkste binnen België  is Chorioptes equi, de beenschurftmijt. Die wordt veel gezien op paardenrassen met veel behang, zoals de Fries, de Tinker en de Shire. De mijt nestelt zich graag in de warme, vochtige kootholte bij deze rassen.

Mok

Door de jeuk die de mijt veroorzaakt gaat het paard in de sokken bijten of met zijn been stampen. De mijt kruipt via de benen naar de rest van het lichaam en veroorzaakt overal jeuk. Naast dat het paard last heeft van dit kleine beestje, kan het er ook voor zorgen dat je paard last krijgt van mok. Bij een ernstige infectie kunnen de benen dik worden. De lymfeafvoer van het been verslechtert daardoor.

In die situatie is het te laat en is volledig herstel niet meer mogelijk. Een acute vorm van ontsteking van de lymfebanen kan ook optreden: Einschuss (dik, warm en pijnlijk been, vaak koorts.) Ook in deze situatie is snel ingrijpen noodzakelijk.

Geen klachten

De mijt geeft niet altijd klachten. Paarden kunnen dus mijt hebben zonder dat je dit door hebt en besmetten daardoor weer andere paarden. Via microscopisch onderzoek wordt de besmetting met mijten onderzocht via van een afkrabsel van de aangetaste plekken.

Kippenmijt en Rode bloedmijt

Een andere mijt die we bij het paard kunnen vinden is de kippenmijt of rode bloedmijt (Dermanyssus gallinae). Deze mijt komt voor bij vogels, maar springt gemakkelijk over op andere dieren. De mijt zit overdag verstopt in kieren en spleten van bijvoorbeeld de stal en valt ‘s nachts zijn slachtoffer aan. Het is erg lastig om de mijt te vinden omdat hij na de bloedmaaltijd weer vertrekt. Het paard heeft ook door deze mijt veel jeuk.

Direct contact

Via direct contact of via zadels, dekens en borstels worden de mijten overgebracht. Over het algemeen heeft ieder dier heeft zijn eigen mijt, maar sommigen kunnen wel tijdelijk overlopen naar bijvoorbeeld de mens en irritatie veroorzaken. Ook kunnen sommige mijten een paar weken in de omgeving overleven (stal, kippenhok) en vanuit daaruit besmetten.

Andere mijten zijn bijvoorbeeld Sarcoptes (vooral op het hoofd) en Psoroptes (rug).

Behandeling

Luizen verstoppen zich onder de vacht bij paarden en zijn daardoor moeilijk te bereiken met wasmiddelen of sprays. Vaak helpen middelen wel tegen de luizen, maar verwijdert het de eitjes niet. Hoe later je achter een besmetting komt, hoe meer eitjes er in de vacht zitten. Deze eitjes kunnen wel een jaar overleven. Daarom wordt aangeraden om je paard tijdens de behandeling regelmatig flink te poetsen zodat de eitjes loslaten.

Het kan even duren voordat je helemaal kunt stoppen met behandelen. Er is namelijk geen manier of product om alle eitjes te verwijderen.

Byemite

Je kan je paard wassen met een antiluizenmiddel, zoals Byemite. Dit middel is geregistreerd voor kippen. Het is belangrijk dat eventueel vuil eerst weggewassen wordt met een paardenshampoo en dat je beschikt over warm water. Het dier moet na het wassen op een warme plek kunnen drogen. Er wordt aangeraden dat het dier eerst geschoren wordt, met name de sokken. Anders dringt de shampoo niet goed genoeg door. Naast het paard moet ook de omgeving gedesinfecteerd worden: de stallen, borstels, dekens, halsters, dekjes etc.

Ivermectine

Er bestaat ook een behandeling per injectie: ivermectine. Deze behandeling kan voor bijwerkingen zorgen dus voorzichtigheid is belangrijk. Deze injectie wordt door de dierenarts uitgevoerd omdat het strikt intramusculair (in de spieren) gegeven moet worden (intraveneus is levensgevaarlijk).

Er bestaat ook een ivermectine in een wormenkuurvorm, maar in deze toepassing werkt het niet tegen luizen of mijten.

 

Tekst: Isa Vorkink voor Cap Magazine, overname zonder bronvermelding én toestemming via redactie@capmagazine.eu is niet toegestaan.

 

Bron: Dierenkliniek de Berg

Van hengst uitzoeken tot insemineren, dekseizoen in aantocht

0
Van hengst uitzoeken tot insemineren, dekseizoen in aantocht
Drachtige merrie. Foto: Digishots

In maart gaat (over het algemeen) het dekseizoen al weer van start! Ben je van plan om dit jaar jouw merrie te laten dekken? Het is belangrijk om goed voorbereid te zijn.

Voor welke hengst ga je, wat gaan de kosten zijn, wat doe je tijdens een bevalling, waar gaat het veulen heen zodra hij afgespeend mag worden? Allemaal punten waar je over na moet denken voor je besluit om je merrie te laten dekken.

Opvolger voor je merrie

Stel: Je hebt de knoop doorgehakt en wil dit jaar dan toch echt je merrie laten dekken. Het veulen wordt misschien wel een leuke opvolger voor je (sport)merrie. Je begint met het uitzoeken van een hengst, dit doe je niet zomaar. Een hengst kies je niet alleen op basis van het uiterlijk tenslotte.

Verbeteren of een leuk kleurtje?

Bekijk je merrie, wat zijn haar zwakke of mindere punten? Is ze misschien erg lang, kies dan voor een wat korter gebouwde hengst. Heeft je merrie korte benen, dan kun je wellicht gaan kijken naar een hengst die hoger op de benen staat. De keuze is altijd wat je zelf wil. Een hengst met een leuk kleurtje is natuurlijk erg leuk maar je wil ook een goed en gezond veulen fokken, ook als het niet je doel is om de sport in te gaan. Dus ook bij hengsten met een leuk kleurtje is het verstandig te kijken naar de bouw.

Commercieel of voor jezelf?

Als je commercieel fokt kijk je naar afstamming, aanlegtesten, scores en eventuele dragers van bepaalde genen. Maar wanneer je het veulen voor jezelf fokt, zonder toekomstig sportdoel, zal dit waarschijnlijk veel minder belangrijk voor je zijn.

Het insemineren

Zodra je de hengst gevonden hebt komt misschien nog wel het moeilijkste en spannendste gedeelte: de dekking of inseminatie. Sommige hengsten staan op een dekstation, het gebeurt meestal dat je daar de merrie laat insemineren. Maar je mag vaak ook sperma bestellen om je merrie bij een ander dekstation te laten bevruchten.

Hengstigheid van de merrie

Het kan soms best lastig zijn om de hengstigheid van je merrie te ontdekken. In sommige gevallen kan de merrie hengstig gespoten worden zodra ze niet goed hengstig wil worden. Daarna wordt je merrie opgevoeld om te kijken wanneer het juiste moment voor bevruchting is. Soms moet je een aantal keren terug komen. Deze stappen kosten allemaal geld, van het hengstig spuiten tot het opvoelen. Houd hier dus rekening mee.

Niet drachtig worden

Het bevruchten lukt niet altijd in één keer. Soms moet je een aantal pogingen doen om je merrie drachtig te krijgen. Daarom is het advies ook om zo vroeg mogelijk te beginnen, dan heb je nog tot het einde van het dekseizoen om het te proberen. Heel soms wil de merrie echt niet drachtig worden. De dierenarts kan dan de baarmoeder onderzoeken. Er kunnen bijvoorbeeld cysten op de eierstokken zitten. Cysten zijn vochtblaasjes in de baarmoeder die ervoor kunnen zorgen dat een merrie minder makkelijk of niet drachtig wordt.

Als het geslachtsorgaan in orde is, kan het niet drachtig willen worden andere oorzaken hebben. In overleg met de dierenarts kun je kijken wat je dan moet doen. Soms kan het ook aan de hengst liggen, het bevruchtend vermogen  kan bijvoorbeeld minder zijn, en kan per hengst verschillen.

Het moment dat op de scan een kloppend hartje te zien is, is natuurlijk een fantastisch moment. Dan begint het pas, alles wordt echt.

In het artikel ‘Van dracht tot bevalling, van geboorte tot in de wei’ lees je alles over de stappen die daarna volgen.

Tekst: Isa Vorkink

Bron: KWPN

Help! Mijn paard heeft een wond

0
wond aan het been wordt ingepakt
Foto: Sabine Timman

Elke paardeneigenaar krijgt er vroeg of laat mee te maken: een verwonding aan het paard. Dit is nooit leuk om aan te treffen. De ene wond is de andere ook niet. Soms valt het mee en soms is de situatie toch iets ernstiger.

Met sommige verwondingen hoef je bijna niets te doen. Ontsmetten een beetje zalf en klaar. Bij andere verwondingen daarentegen, moet wel degelijk gelijk actie worden ondernomen. Diepe wonden moeten wellicht gehecht worden. Maar helaas kan een kleine verwonding soms ook al ernstige schade toe brengen. Wanneer een gewricht geraakt is bijvoorbeeld. Als het been vol loopt met vocht kan er meer aan de hand zijn. In dat geval kun je het beste meteen de dierenarts inschakelen.

Wondgenezing

De plaats van de verwonding op het lichaam heeft invloed op het geneesproces. Een wond aan het onderbeen geneest langzaam of slecht. Dit komt omdat in de onderbenen voornamelijk de pezen van spieren aanwezig zijn. Wonden boven de knie en sprong genezen over het algemeen beter en sneller dan wonden ter hoogte van de gewrichten en lager

Verschillende fasen

De eerste fase van de wondgenezing is de ontstekingsfase. Deze fase kan twee tot vijf dagen duren en treed meteen op na het ontstaan van de wond. De wond wordt dan rood en warm. Ontstekingsbloedcellen (met name de leucocyten) worden naar de plaats van de verwonding getrokken en concentreren zich. Ze zorgen voor een lokale afweer en stimuleren verschillende processen van de wondgenezing.

Tweede fase

De tweede fase van de wondgenezing is de proliferatiefase. Meestal duurt deze fase van genezing twee dagen tot drie weken. In deze fase vindt de groei van granulatieweefsel plaats. Het granulatieweefsel is een erg sterk doorbloed, helder roze en snelgroeiend weefsel, dat het volledige wondoppervlak snel opvult. Daarna krimpt de wond. Als laatste wordt er vanuit de huidranden een nieuw huidzoompje (epitheel) gevormd dat naar binnen groeit.

Derde fase

De derde fase is de remodelleringsfase. Duurt mogelijk drie weken tot twee jaar. In deze fase wordt nieuw bindweefsel gevormd. Dit bindweefsel verhoogt de trekkracht van de oude wond. Het overgebleven litteken kan maximaal tachtig procent van de oorspronkelijke trekkracht van de huid terugkrijgen en zal dus altijd zwakker zijn dan de normale huid.

Acute wond

Wat doe je als je te maken krijgt met een een acute wond? De behandeling van een verwonding begint altijd met schoonmaken. Als de wond mooi schoon is kun je de ernst beter inschatten. Maak geen gebruik agressieve schoonmaakmiddelen en pak schoon leiding water. Een dierenarts zal in zo’n geval meestal een steriele fysiologische zoutoplossing gebruiken. Blijft de wond erg bloeden dan is het belangrijk een drukverband aan te leggen en zo de bloeding te stelpen.

Hechten en aangroeien

Vaak heb je te maken met slechts een schaafwond. Is de huid wel helemaal door, dan is het belangrijk dat de huid aan elkaar wordt gehecht. Soms is bij de verwonding een stuk van het vel verloren gegaan en is het daardoor niet mogelijk om alles bij elkaar te hechten. In zo’n geval moet het missende gedeelte huid weer opnieuw aangroeien. Hierbij ontstaat bij de meeste gevallen een groot litteken. Doordat die plek nauwelijks elastisch is, kan een groot litteken een probleem zijn voor de beweging van het paard.

Hydrogel in de wond

In het ergste geval heb je te maken met een acute lelijke wond aan het been die door een dierenarts moet worden behandeld. De eerste hulp die je moet uitvoeren bestaat uit het aanbrengen van een hydrogel in de wond. Deze gel geeft bescherming en houdt de wond mooi vochtig. De wond wordt afgedekt met een steriel gaasverband. Hieromheen gaat een dikke laag watten. Afhankelijk van de situatie kan het paard nu op de dierenarts wachten of naar de kliniek vervoerd worden.

Bron: De Hoefslag

 

Veulenseizoen: Moederloze veulens en pleegmerries

0
Merrie met veulen rennend door de wei
Foto: Sanne Wiering

Het veulenseizoen is begonnen! Een spannende tijd voor fokkers en iedereen die een veulen verwacht. 95% van de bevallingen verloopt gelukkig zonder problemen. Helaas zitten er ook risico’s aan het fokken en is de kans op het verliezen van een merrie of veulen aanwezig.

Het komt wel eens voor dat het veulen of de merrie overlijdt tijdens de bevalling. Hoe goed je alles ook hebt voorbereid. In deze situatie is het  zeer aan te raden om een pleegmerrie voor je veulen te  zoeken. Het verzorgen van een moederloos veulen is niet alleen ontzettend zwaar, maar ook voor het kleintje is het beter om opgevoed te worden door een merrie.

Hormonen

Een merrie die haar veulen is verloren kan een mooie uitkomst zijn voor een veulen die net zijn moeder is verloren. De melkproductie is dan al op gang en de moeder heeft hormonen om voor de kleine viervoeter te kunnen zorgen.

Groot bereik

Via een dierenarts kun je een pleegmerrie vinden. Maar ook op Facebook verschijnen meestal oproepen die meermaals gedeeld worden en daardoor een groot bereik hebben. Dat maakt de mogelijkheid om met elkaar in contact te komen groter. Dan is er  de grootste kans op overleving.

Volledige dracht

Het is belangrijk dat de merrie al een volledige dracht heeft doorstaan. Door een vroegtijdige abortus heeft de merrie niet genoeg hormonen waardoor het niet in staat is om een veulen aan de voet te nemen.

Unieke procedure

Er zijn ook speciale klinieken die merries voorhanden hebben die door een unieke procedure (uiteraard begeleid door een dierenarts) een door hormonen in gang gezette bevalling meemaken. Hierdoor is de kans dat de koppeling met een moederloos veulen lukt.

Verdiep je van tevoren in de verschillende mogelijkheden, dan ga je goed voorbereid het veulenseizoen in!

 

Tekst: Isa Vorkink

Aankoop paard.. Droom die uitkomt of nachtmerrie? (1)

0
Droom of nachtmerrie?
Prachtige zwarte hengst.

Iedereen heeft zo zijn eigen droom met zijn paard. Samen met je paard genieten van de natuur. Ontspannen rijden door de bossen en over het strand. Of juist de sterren van de hemel rijden in de dressuurring of springpiste. Maar als je (eindelijk) een paard kan kopen, komen de verwachtingen lang niet altijd uit, en kan de droom eindigen in een nachtmerrie. 

Perfecte plaatje?

Veel paardenverkopers, zowel handelaren als particulieren, spelen in op dit wensenpakket, door bij het profiel van het paard te schrijven dat het dier verkeersmak is, minimaal spring- of dressuurniveau X, geen stalgebreken heeft, goed overweg kan met soortgenoten, makkelijk de trailer ingaat enzovoorts. Zelden staat er in een advertentie dat men voor het paard een andere eigenaar zoekt omdat het dier niet of nauwelijks te berijden is, gedragsproblemen heeft en een gevaar op de weg is. In de wereld van paardenverkopers beantwoorden alle paarden aan het perfecte plaatje.

Droom

Helaas zijn er nog te veel mensen die vertrouwen op de eerlijkheid van de verkoper. Teveel blijven hangen in de droom, en de realiteit missen om kritisch te kijken. Zeker als de verkoper kundig overkomt en de koper zelf niet zo veel ervaring heeft, is de kans op een fiasco erg groot. Paarden die zich tijdens de proefrit in een bak braaf laten berijden blijken na aankoop toch niet zo braaf. Of hebben duidelijke mankementen. Willen niet aanspringen in galop, of schrikken van iedere grasspriet die beweegt.  Het paard dat volgens de omschrijving vrij was van stalgebreken, blijkt een fervent wever en heeft last van voernijd.

Twee weten meer dan één

De meeste mensen weten inmiddels dat het verstandig is een paard door een dierenarts te laten keuren. Maar alleen fysieke problemen uitsluiten is zelden voldoende. Het is minstens zo belangrijk om uit te (laten) zoeken of het paard gedragsproblemen heeft en of het dier rijtechnisch wel bij u past. Iemand die verstand van zaken heeft meenemen, is altijd een goed idee. Twee weten immers meer dan één, je kunt overleggen en, ook niet onbelangrijk, tijdens het proefrijden kan de ander eventuele onregelmatigheden , lichaamstaal en stresssignalen bekijken.

Jouw aankoop-ervaring delen?

CAP online maakt een miniserie artikelen over het aankopen van een paard. In de volgende afleveringen komen de checklist, dagelijkste omgang, op- en afzadelen, proefrit, verkeers- en trailermak aan bod. Ook is CAP online benieuwd naar jouw ervaringen met het aankopen van paarden, zowel positief als minder positief. Heb jij een bijzondere, teleurstellende of extreem goede ervaring met het aankopen van een paard, en wil je dat delen via het platform van CAP online?  Stuur dan een mail naar redactie@capmagazine.eu

Bron: Hoefslag
Foto: Istockphoto.com

 

“Wonden genezen écht sneller met honing”

0

Dierenartsen gebruiken wel vaker middeltjes met honing als heilzaam bestanddeel. Nieuw onderzoek bevestigt opnieuw de kracht van dit middel. Wonden die gehecht moesten worden en werden nabehandeld met honing, herstelden echt sneller.

Wondbehandeling lastig dingetje

Het voorkomen van infecties en het kapotgaan van hechtingen zijn de grootste uitdagingen bij de behandeling van wonden bij paarden. Daarnaast ligt ook resistentie voor middelen met antibiotica op de loer. Daarom kan het herstel van ernstige wonden een langdurig traject zijn.

Voorgaande studies werden in een testomgeving gedaan, maar voor dit nieuwe onderzoek hadden de onderzoekers de beschikking over ‘echte’ wonden, die de paarden op een ‘natuurlijke’ manier hadden opgelopen. Speciale medicinale (gesteriliseerde) honing bleek het herstelproces aanzienlijk te verbeteren.

Compleet herstel

De honing werd aangebracht op wonden voordat deze door een dierenarts werden gehecht. De kans op compleet herstel binnen twee weken, nog voordat de hechtingen werden verwijderd, was veel groter bij de paarden die behandeld werden met honing dan bij paarden waarbij deze behandeling niet werd toegepast.

Volgens Gal Kelmer van de Hebrew University of Jerusalem was de kans op infecties daarnaast veel kleiner. “De dierenartsen waren over het algemeen heel tevreden over het wondherstel bij gebruik van honing,” aldus Kelmer.

Diverse soorten wonden

Voor het onderzoek werden 127 paarden behandeld aan willekeurige open verwondingen, waarvan 69 met honing. Verder was de aanpak bij alle wonden, van 2 tot en met 37 centimeter en op verschillende delen van het paardenlichaam, hetzelfde als bij conventionele behandeling door de dierenarts.

Van de paarden waarbij geen honing werd gebruikt, herstelde 31 procent nog voordat de hechtingen werden verwijderd. Bij de paarden die wel werden behandeld met honing was dat aandeel de helft. “Beenwonden hebben een ander herstelproces dan wonden op het lichaam, maar omdat ze over beide groepen verdeeld waren, zijn de resultaten vergelijkbaar.”

Antibacterieel

Het goede herstel zou te danken zijn aan de antibacteriële eigenschappen van honing, zonder het risico op resistentie van de diverse soorten antibiotica. “Het gebruik van dit natuurlijke middel geniet dus absoluut de voorkeur.”

Bron: The Horse

Foto: Shutterstock

Verwonding? Bij twijfel, altijd de dierenarts bellen!

0
Botbreuken
Pijpbeen kwetsbaar

Iedere paardeneigenaar treft zijn paard of pony wel eens met een verwonding aan. Opgelopen in de wei of op stal, maar vaak kun je niet achterhalen wat er precies is gebeurd.

De meeste verwondingen zijn gelukkig onschuldig en kun je zelf behandelen. Twijfel je? Neem dan altijd contact op met je dierenarts. Dat een verwonding niet ernstig lijkt, wil niet zeggen dat het dat niet kan worden!

Een aantal tips

Deze tips vormen een handleiding om een paard zo goed mogelijk te behandelen wanneer deze een wond heeft.

Inschatten

Zodra je merkt dat je paard een wond heeft opgelopen is het belangrijk om eerst de ernst van de situatie en de wond in te schatten. Wat voor soort wond is het en waar op het lichaam zit de open wond? Gaat het om een snijwond, scheurwond (bijvoorbeeld door prikkeldraad), bijtwond, schaafwond of steekwond.

Vind je dat zelf moeilijk om te beoordelen? Schakel dan hulp in van een vriend of stalgenoot en vraag of diegene met je mee wil kijken. Samen kunnen jullie beslissen of het nodig is om de dierenarts in te schakelen.

Optimale genezing

Als de wond verzorgt moet worden door een dierenarts is het belangrijk om deze zo spoedig mogelijk te bellen. De dierenarts zal beslissen of de wond gehecht moet worden en of antibiotica nodig is. Voor een optimale genezing van wonden is het noodzakelijk om open wonden zo snel mogelijk te laten hechten. Dit kan vaak nog binnen tien uur na het ontstaan van de wond.

Beperk verontreiniging

Bij een kleinere wond die je zelf goed kunt verzorgen, gaat het vooral om het beperken van wondverontreiniging. Omdat de huid kapot is, kunnen er heel makkelijk vuil en bacteriën naar binnen komen. Een wondinfectie is dan het gevolg, vaak met ernstige complicaties voor het normale genezingsproces kunnen optreden. Voorkom bij de verzorging enig contact tussen de wond en vuile handen, vloeistoffen en materialen.

Losliggende vreemde voorwerpen in de wond, zoals houtschilfers, zand, steentjes en dergelijke mag je verwijderen door het eruit te spoelen met veel schoon water. Dek de wond eventueel af met steriele gazen als je paard in contact kan komen met vieze materialen van buitenaf zoals stro of vlas. Breng géén ontsmettingsmiddel in de wond aan en gebruik ook géén wondspray omdat de meeste middelen meer kwaad dan goed doen. Zeker bij kleinere wonden die uit zichzelf goed kunnen genezen, kan dit nadelig zijn.

Geruststellen

Wonden zijn erg pijnlijk. Wees bij de behandeling daarom altijd bedacht op reacties van het paard! Als je paard heftig reageert op de verzorging of veel stress ervaart, is het goed om hiervoor hulp te vragen. Eén persoon kan het paard dan gerust stellen terwijl de ander de wond verzorgt.

Bij twijfel, altijd bellen

Bij twijfel, bel altijd de dierenarts. Weet je niet zeker of de wond gehecht moet worden? Of twijfel je over de plek en de ernst van de wond? Schakel dan altijd een dierenarts in! Het is beter om een keertje extra hulp te laten komen, dan een wond die later gaat infecteren of nog erger.

Bron: KNHS

Foto: Sabine Timman

Dierenarts tegengehouden… Veulen en merrie dood

0
projecten

Een merrie en haar veulen overleden terwijl de dierenarts werd opgehouden door een wielerwedstrijd, vlak bij Birmingham, Groot-Brittannië. “Het meest pijnlijke is dat hulp maar enkele minuten van ons verwijderd was,” reageert de eigenaresse van de paarden.

Volgens Helen van Heyningen van wedstrijdstal en stoeterij Euro Sport Horse in Solihull was de weg op zo’n anderhalve kilometer van haar huis een uur lang afgesloten vanwege de Velo Birmingham & Midlands ride. “Een verkeersregelaar wilde de dierenarts niet laten passeren,” vertelt ze aan Horse & Hound.

Verkeerde kant op

Van Heyningens partner dreigde de route voor de wielrenners te blokkeren, waarna de dierenarts werd doorgelaten. De merrie Bon Amour en haar veulen waren toen al overleden. “In een uur tijd ging het heel snel de verkeerde kant op,” vertelt ze.

De merrie Bon Amour werd voorheen uitgebracht op 1.30m-niveau. Ze zette al meerdere veulens op de wereld, maar het afgelopen weekend ging het mis. De bevalling kwam wel op gang, maar toen de schouders van het veulen eenmaal tevoorschijn waren gekomen, zat er geen schot meer in.”

Niet welwillend

Bij Euro Sport Horse worden jaarlijks acht à negen veulens geboren, maar zoiets had de fokker nog niet eerder meegemaakt. Ze belde de dierenarts en bracht de verkeersregelaar van de wielerwedstrijd, waaraan zo’n duizend fietsers meededen, op de hoogte. Die zegde zijn medewerking toe, maar helaas kwam hij uit bij een ander kruispunt waar men niet zo welwillend was.

Veulen én merrie overleden

Een uur later werd het veulen alsnog geboren, maar het leefde toen al niet meer. “Ik vermoed dat het in de moeder flink met zijn achterbenen heeft bewogen en haar van binnen heeft beschadigd,” vertelt Van Heyningen. Tegen de tijd dat de dierenarts arriveerde was ook zij overleden. Ze heeft flink geleden terwijl hulp nabij was. Dat vind ik het allerergste.”

De organisatie van de wielerronde heeft nog niet op de berichten van Van Heyningen gereageerd. Maar ‘dit had nooit mogen gebeuren’, vindt zij.

Bron: Horse & Hound

Foto: Shutterstock

EHBO bij nageltred

0
nageltred
Hoef paard

Je laat je paard in de weide. Een paar uur later haal je hem eruit. Hij is kreupel, en niet zo’n klein beetje ook. Er zijn geen wondjes op het been, maar wanneer je de voet van je paard optilt om zijn hoef te checken, zie je dat er een spijker in de voet van je paard is gedrongen: nageltred. Wat nu? 

1. Scherpe voorwerp laten zitten

Hoewel het je een goed idee kan lijken om meteen de oorzaak van de kreupelheid weg te nemen, laat je de spijker het beste zitten en bel je je dierenarts. De binnenkant van de hoef bestaat uit verschillende structuren en als daar een infectie ontstaat, is die erg moeilijk te behandelen. Laat de spijker (of welk scherp voorwerp dan ook) in de voet van je paard zitten. De dierenarts moet zien hoe diep het zit en in welke richting precies om te kunnen inschatten welke structuren er beschadigd kunnen zijn. In sommige gevallen wordt er zelfs een foto gemaakt met het voorwerp nog in de voet zodat goed te zien is hoe diep het zit.

2. Dierenarts of hoefsmid erbij halen

De volgende stap is het inschakelen van een dierenarts of hoefsmid. Die kan ter plekke bekijken wat de schade is. En kan ook het voorwerp uit de hoef halen. Als je dierenarts of hoefsmid meent dat het vreemde voorwerp geen schade heeft toegebracht aan belangrijke inwendige structuren, zal hij het verwijderen. Wellicht zal je de wond in de hoef moeten behandelen als een abces: de hoef weken en verbinden om verdere infectie te voorkomen. Dit is het gunstigste scenario. Het zou ook kunnen dat je dierenarts antibiotica voorschrijft en je paard inent tegen tetanus.

3. Indien nodig naar de kliniek

Als de schade groter is, zal de behandeling anders zijn. Vaak worden paarden doorverwezen naar de dierenkliniek. Orale antibiotica of antibiotica die ingespoten worden, zijn vaak niet geconcentreerd genoeg om ook in de onderste ledematen te werken. Daarom worden ze soms heel lokaal toegediend in een onderbeen. Het paard wordt dan verdoofd en staand behandeld, een paar dagen na  elkaar. Ook een operatie behoort tot de mogelijkheden. Het paard wordt dan volledig verdoofd en men zoekt hoe en tot waar het gat in de hoef loopt. Op die manier kan de wondgang goed gespoeld worden, zodat het gevaar op infectie vermindert.

4. Herstel? Afhankelijk van de schade

Het herstel neemt tijd in beslag, en hoe eerder je paard de juiste behandeling krijgt, hoe beter. Als er geen grote onderliggende schade is, zal het herstel wellicht voorspoedig verlopen. Is er echter aanzienlijk meer schade, hangt de prognose af van hoe snel de dierenarts erbij was en hoe de hoef behandeld wordt. Helaas kunnen sommige voorwerpen onherstelbare schade aanrichten aan de hoef.

Bron: Hoefslag / CAP Magazine

Foto: Stock