Concentratie en paardrijden

0
231
Concentratie
Focus tijdens het rijden

Bij goed paardrijden hoort een bepaalde mate van concentratie. En dan maakt het niet uit of je voor het eerst naar buiten gaat met je (jonge) paard, of dat je serieus competities rijdt. Je focus moet goed zijn.

Hier en nu

Het is een misverstand te denken dat alleen wedstrijdruiters zich moeten kunnen concentreren. Ook als je thuis aan het trainen bent, helpt het als je je focus bij je paard hebt, en je je niet af laat leiden door allerlei bijgedachten. Het gaat dus niet alleen om het neerzetten van topprestaties. Je ziet op alle niveaus dat mensen soms moeite hebben zich te concentreren. En je kan je eigen concentratievaardigheden wel degelijk verbeteren, vindt sportpsychologisch trainer Inga Wolframm: ‘Blijf met je gedachten volledig in het hier en nu.’

Opgaan in het moment

‘Concentratie is een ruim begrip. Want wanneer ben je nu eigenlijk optimaal geconcentreerd? Als iemand optimaal geconcentreerd is, ervaart hij of zij dit vaak als een geweldig gevoel. Een gevoel waarbij het besef van tijd verloren gaat. Je kunt het ook omschrijven als ‘het volledig opgaan in het moment.’ Eigenlijk streven we allemaal naar dit gevoel, maar waarom is het dan zo moeilijk dit steeds weer te bereiken?

Concentratie, voor iedereen anders

Iedereen heeft een favoriete manier van concentreren. Sommige mensen besteden al hun aandacht aan de wereld om zich heen. Terwijl iemand anders het misschien makkelijker vindt om de aandacht volledig op zichzelf te richten. We hebben allemaal geleerd dat we voor bepaalde taken ook een vorm van concentratie nodig hebben. Als je bijvoorbeeld met de auto onderweg bent, moet je veel aandacht aan de omgeving besteden, in plaats van aandacht te schenken aan hoe jij je op dat moment voelt.

Verschillende vormen

Er zijn verschillende vormen van concentratie. Hieronder een uiteenzetting:

1. Breed en extern: Dit wil zeggen dat je heel scherp in de gaten houdt wat er om je heen gebeurt. Je overziet je omgeving en de verschillende elementen daarin. In een sport als voetbal of polo kan deze vorm van concentratie heel functioneel zijn. Je weet waar je tegenstanders zijn en je kunt inspelen op de acties van je teamgenoten. Maar als je tijdens het rijden alle mensen langs de baan ziet staan of vooral oog hebt voor de andere combinaties die langs rijden,  dan is deze vorm van concentratie minder handig.

2. Smal en extern: Je focust je in dit geval op slechts een of twee dingen in je omgeving. Een springruiter heeft deze vorm van concentratie nodig om zijn parcours af te leggen en de afstanden naar de sprong goed te kunnen inschatten. Maar ook bijvoorbeeld een tennisser, die op de bal moet letten, concentreert zich vaak op deze manier.

3. Breed en intern: Hierbij ben je voornamelijk bezig met het analyseren van de situatie en het opzetten van strategieën. Je bent gericht op de signalen die jij zelf en ook je paard afgeeft. Je bent met jezelf in gesprek over wat je voelt en wat er onder je gebeurt. ‘Waarom reageert mijn paard zo? Wat moet ik nu doen om het op te lossen. Deed hij het gisteren ook al en wat heb ik toen gedaan?’ Dit zijn typische gedachten van iemand die sterk breed intern geconcentreerd is. Deze manier is vaak heel functioneel, omdat je de situatie goed analyseert. En dat is bijzonder handig tijdens het rijden.

4. Smal en intern: Dit wil zeggen dat je geconcentreerd bent op een of maximaal twee gevoelens of gedachten en dat je jezelf heel goed kunt afsluiten van wat er om je heen gebeurt. Tijdens deze manier van concentreren is het eenvoudiger om specifieke aanwijzingen te volgen. Zo kan deze vorm van concentratie handig zijn, als je wedstrijd rijdt en je je volledig wilt focussen op een ontspannen proef of op de juiste aanleuning. Ook gedachten als daadkracht of geduld kunnen een van je concentratiepunten zijn.

Blijven hangen

Het gevaar van concentratie is dat ook negatieve gevoelens de overhand kunnen krijgen. Misschien herken je de volgende situatie: Je bent aan het rijden en je bent vastbesloten te laten zien hoe je verbeterd bent aan je trainer (dit is al een vorm van smalle en interne concentratie). Vervolgens verloopt het niet helemaal zo als je gehoopt had en er gaat het een en ander mis. Het gevolg is dat je ‘blijft hangen’ in de gedachte ‘het lukt helemaal niet’. Je bevriest als het ware en blokkeert. Je stopt bijna letterlijk met rijden.

Stress situaties

Probeer nu eens te ontdekken welk concentratietype jij bent. Na iedere trainingssessie of bosrit, schrijf je op welke vorm van concentratie je in welke mate hebt toegepast. (HN: helemaal niet; BN: bijna niet; S: soms; V: Vaak; A: Altijd). Misschien herken je jezelf in alle typen wel een beetje maar, zoals gezegd, vervallen de meeste mensen  toch in een bepaalde manier van concentreren.

Bron: Hoefslag / CAP Magazine

Foto: Stock

 

LAAT EEN REACTIE ACHTER