Home Auteurs Posts van Redactie CAP Magazine

Redactie CAP Magazine

68 POSTS 0 REACTIES

Brokkelhoeven: oplossing ligt bij oorzaak

0
Brokkelhoeven
Goed beslag en nathouden van de hoef helpt ter voorkoming van brokkelhoeven

Niet een gebrek aan vitaminen, mineralen of andere voedingstoffen blijken de oorzaak van brokkelhoeven. De oorzaak heeft veel vaker betrekking op een gebrek aan beweging, droogte, verkeerd (passend) beslag of erfelijke belasting. 

1. Eerst naar de oorzaak kijken

De oplossing voor brokkelhoeven ligt dan ook op de eerste plaats bij het verhelpen van de oorzaak. Voor zover dat mogelijk is uiteraard. Als er sprake is van veel droogte, kunnen de hoeven regelmatig nat gespoten worden. Meer beweging, ander (of geen) beslag, zijn ook mogelijke oplossingen, die de groei van nieuw hoorn stimuleren.

2. Hulpstoffen en bouwstenen

Als er eenmaal goed naar de oorzaak is gekeken, dan zijn er zeker bouwstenen en hulpstoffen die kunnen bijdragen aan het herstel van de hoef. Hoeven bestaan voor het grootste deel uit keratine, een eiwit dat structuur/stevigheid geeft. Voor de aanmaak van keratine is o.a. voldoende van de zwavelhoudende aminozuren methionine en cysteine nodig. Verder is glucose belangrijk voor de hoefgroei. Vetzuren hebben een barrièrefunctie en helpen bacteriën en schimmels buiten de hoef te houden.

2. Biotine en vitamines

Vitamine A speelt een rol bij de celdeling. Een tekort aan deze vitamine is wel eens in verband gebracht met kroonrandontsteking. Biotine is een B-vitamine die in de darmen door bacteriën wordt gesynthetiseerd. Biotine is erg bekend met betrekking verbetering van de hoefkwaliteit, hoewel onderzoeksresultaten nog steeds niet altijd een werking aantonen.

3. Supplementen

Koper, zink, mangaan, selenium en calcium zijn mineralen die van belang zijn bij de opbouw en bescherming van de hoefstructuur. Een tekort aan één of meer van deze mineralen kan leiden tot hoefafwijkingen, maar meestal zijn tekorten sneller ergens anders zichtbaar. Supplementen ten behoeve van de hoefkwaliteit bevatten vaak deze mineralen.

Het heeft tijd nodig

Gezien het feit dat een hoef een hele tijd nodig heeft om te groeien, kan het erg lang duren voordat het effect van behandelingen ter verbetering van de hoefkwaliteit zichtbaar worden. Het dagelijks natmaken van de hoeven kan, zeker bij paarden die op vlas, koolzaadstro of een ander uitdrogend strooisel staan, al heel goed helpen, mits dit lang genoeg wordt volgehouden!

Bron: CAP Magazine
Foto: Digishots

Aan de gang met je net zadelmakke paard

0
Zadelmak paard
Een net zadelmak paard

Je net zadelmakke paard rijden. Als het allemaal goed gaat, is het niet zo spannend meer. Maar hoe voorkom je dat je paard negatieve ervaringen krijgt, waardoor problemen ontstaan?  Een extra handje, voorbereiding en een flinke dosis geduld kunnen je een heel eind verder helpen. CAP magazine geeft tips.

1. Neem de tijd

Het zadelmak maken doet lang niet iedereen zelf. Het is in zeker zin een echt specialisme, en moet heel bewust gebeuren. Zorg er wel voor dat je paard voordat het zadelmak gemaakt wordt halstermak is. Zadelmak, het aanrijden van het jonge paard, is niet iets dat in twee weken klaar is. Neem er de tijd voor, of gun de zadelmaker de tijd die hij nodig denkt te hebben. Voordat er ‘een stuur, een gas en een rem’ op je paard zit, ben je zomaar acht weken verder.

2. Direct erop

Als je paard zadelmak is en de ruiter die je paard zadelmak maakt, geeft aan dat je paard er klaar voor is om daar jou gereden te worden, wacht daar dan niet te lang mee, maar stap er direct op. Bij voorkeur onder begeleiding van de ruiter die je paard zadelmak heeft gemaakt, want die kent jouw paard op dat moment het beste. Na die eerste rit trek je je verdere plan.

3. Rust bij het opzadelen

Al voordat je paard zadelmak gemaakt wordt, leer je het om in de poetsplaats verzorgd te worden. Enthousiasme bij een jong paard is eigenlijk heel normaal, al moet dat wel binnen de perken blijven. Van een jong paard kan je accepteren dat hij niet meteen stilstaat, dat heeft gewoon wat tijd nodig. Maar na een aantal keren moet dat wel verbeteren. Pas als je paard echt relaxed op de poetsplaats staat, gaat het naar de ruiter om het zadelmak te maken.

4. Hulp bij het opstappen

Zoals ook al bij punt 2 naar voren kwam, is het goed begeleiding te zoeken. De ruiter die je paard zadelmak heeft gemaakt kan je helpen, maar als die ‘niet in de buurt is’, kan je ook iemand anders vragen. Bij het opstappen is het de eerste keren aan te raden altijd iemand in de buurt te hebben, die wanneer nodig kan helpen.

Bron: CAP Magazine

Foto: Stock

Toegvoegde waarde van supplementen?

0
supplementen
Supplementen

We proberen ons paard zo optimaal mogelijk te voeren. Ruwvoer is de basis, krachtvoer zetten we in als aanvullend voeder. Aan het krachtvoer zijn verschillende mineralen en sporenelementen toegevoegd. Wat kunnen supplementen dan nog toevoegen?

Grote keuze

De markt biedt een enorm breed en gevarieerd aanbod: voor spieropbouw, tegen maagzweren, rustgevend, elektrolyten, kruidenmengsels,… De keuze is zo groot dat je als eigenaar vaak door het bos de bomen niet meer ziet. Maar alles voor het paard, want baat het niet dan schaadt het niet toch?

Supplementen

Uiteraard willen we allemaal het beste voor ons paard, en gezonde voeding is van groot belang. Binnen een evenwichtig voedingspatroon zijn vitaminen en mineralen essentieel voor zowel mens als dier, een tekort kan immers nare gevolgen hebben. En dus willen we maar al te graag paardlief wat extra geven naast zijn gewoon voedingsrantsoen en grijpen we naar de supplementen.

Het beste voor je paard

Supplement betekent letterlijk: ‘iets extra toevoegen aan’: iets extra’s naast het standaard rantsoen. Vitaminespuiten, kruidenmengsels, gewrichtssmeersels of kalmerende poedertjes…. De keuze van vrij verkrijgbare supplementen is enorm. Welke supplementen worden veel gebruikt, waar zijn ze voor en helpen ze ook echt? De ervaringen zijn talrijk, veel sites bieden supplementen aan met een uitgebreide omschrijving van de werking: het lijkt wel of er voor elk kwaaltje een poedertje voorhanden is. En dus sparen we kosten noch moeite en schaffen we het ruimhartig aan, want we willen het beste voor ons paard.

Overdaad kan schaden

Maar er schuilt ook gevaar in het zelf toedienen van supplementen. Stoffen die onmisbaar zijn om effectief te functioneren kunnen namelijk in een te grote hoeveelheid juist giftig zijn. Een paar voorbeelden: in korte tijd een heel grote hoeveelheid onschuldig lijkend water drinken, kan levensbedreigend zijn. IJzer is ook zo’n stof die mens en dier nodig hebben: bij ijzergebrek voelen we ons snel vermoeid en raken we snel buiten adem. Een ijzeroverschot in een paardenlijf geeft echter óók vermoeidheid, en een te grote hoeveelheid ijzer stapelt zich op in de lever en uiteindelijk in andere organen met nefaste gevolgen als resultaat.

Bron: CAP Magazine

Foto: Stock

Gebrek aan energie? Bloedarmoede bij paarden bestaat

0
Bloedarmoede
Maakt je paard een lusteloze indruk? Is het snel moe? Misschien heeft het bloedarmoede

Heeft je paard gebrek aan energie? Is het snel lusteloos en moe? Mogelijk heeft het bloedarmoede.

Bloedarmoede

Bij een paard dat moe en lusteloos is of snel buiten adem is, bestaat de kans dat hij bloedarmoede (anemie) heeft. Het paard heeft dan een te laag gehalte aan rode bloedcellen in het bloed of een te laag gehalte aan hemoglobine in de rode bloedcellen. Daardoor wordt de aanvoer van zuurstof beperkt wat gevolgen heeft voor de fitheid van het paard.

Gebrek aan energie

Zuurstof is van essentieel belang voor de stofwisseling in de lichaamscellen. Een gezond paard zal met behulp van zuurstof glucose verbranden tot water en koolstofdioxide. Bij deze aerobe verbranding komt energie vrij die het paard gebruikt voor alles wat hij doet. Hemoglobine speelt een belangrijke rol bij het transport van zuurstof door het lichaam. Een paard met bloedarmoede is dan ook niet in staat om voldoende zuurstof aan te voeren naar de spieren en andere organen. Door dat tekort aan zuurstof in de weefsels, zal er geen optimale verbranding plaatsvinden en te weinig energie vrijkomen. Het lichaam zal daarop reageren door energie vrij te maken uit glucose door anaerobe verbranding (verbranding zonder het gebruik van zuurstof). Daarbij komen restproducten als melkzuur vrij. Melkzuur hoopt vervolgens op in de spieren en organen en daardoor ontstaat bij het paard een vermoeid gevoel of spierpijn. Door het tekort aan zuurstof in het bloed wordt tevens het hart aangezet om het bloed sneller naar de organen te pompen. Ook de ademhaling zal versnellen zodat er meer zuurstof in de longen terecht komt.

Andere symptomen

De symptomen van een paard met bloedarmoede zijn afhankelijk van de ernst van de bloedarmoede en van de prestaties die het paard moet leveren. Bij ernstige gevallen van bloedarmoede:

  • slijmvliezen bleek van kleur
  • duidelijk minder presteren
  • eerder moe en een lusteloze indruk
  • sneller ademen
  • een verhoogde hartslag

Hoe ontstaat bloedarmoede?

Naast een aandoening aan de bloedvaten of een storing in de bloedstolling (bijvoorbeeld ten gevolge van een vergiftiging of een aangeboren afwijking) zijn er drie hoofdredenen waarom een paard bloedarmoede kan krijgen.

1. Bloedverlies
Een volwassen paard van 600 kilogram heeft meer dan 40 liter bloed. Bloedverlies van een tot vier liter hoeft niet direct grote gevolgen te hebben. De meest voorkomende vorm van chronische bloedarmoede bij het paard ontstaat door chronisch bloedverlies ten gevolge van worminfecties. Vraag de dierenarts om een goed wormbestrijdingsplan.
2. Verlaagde aanmaak van rode bloedcellen
Rode bloedcellen worden gedurende een cyclus van ongeveer 100 dagen vervangen door ‘verse’ rode bloedcellen vanuit het beenmerg. In enkele gevallen zijn er te weinig grondstoffen (zoals ijzer) voor de aanmaak van nieuwe cellen aanwezig. Ten gevolge van chronische ontstekingen komen er bepaalde stoffen vrij die de productie van rode bloedcellen remmen. Zeldzaam, maar veel ernstiger, zijn de gevallen waarbij het beenmerg niet goed functioneert. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen bij leucose, een vorm van bloedkanker in het beenmerg. Verhoogde afbraak van rode bloedcellen Wanneer de levensduur van de rode bloedcel (veel) korter is dan 100 dagen, is er sprake van een verhoogde afbraak. Dit is bijvoorbeeld het geval bij allerlei infectieziekten, vergiftigingen of door teken overgebrachte bloedparasieten.

Bloedonderzoek

De dierenarts kan bloedarmoede diagnosticeren door het gehalte rode bloedcellen in het bloed te bepalen. Hij of zij neemt bloed af en bepaalt het hematocriet (percentage aan rode bloedcellen in het bloed). Door uitgebreid bloedonderzoek uit te voeren kan tevens de concentratie hemoglobine in de bloedcellen worden bepaald.

Bron: Hoefslag / CAP Magazine

Foto: Sabine Timman

Deens onderzoek naar invloed extra ruitergewicht

0
zadel

Een aantal Deense ruiters heeft tijdelijk gereden met vesten met extra gewicht erin om de invloed daarvan op het welzijn van hun paarden te onderzoeken.

Twintig ruiters reden ten behoeve van het onderzoek op hun eigen paard in de maanden oktober en november. De paarden werden gewogen en opgemeten voor, tijdens het na het rijden.

Department of Animal Science

Professor Janne Winther Christensen van het Department of Animal Science van de universiteit in Aarhus voerde het onderzoek uit, in samenwerking met Mette Uldahl van Vejle Equine Practice.

Op de eerste dag van het onderzoek werden de paarden klinisch onderzocht en werd hun basisconditie gemeten. De onderzoekers hielden ook rekening met de stokmaat en de bouw van de paarden.

Van de ruiters werd de balans, coördinatie en bewegingspatroon vastgelegd.

Gewicht toevoegen

Op de drie volgende testdagen reden de ruiters hun paard zonder extra gewicht, daarna werd eerst 15 procent en daarna 20 procent van het lichaamsgewicht van de ruiter toegevoegd. Dat extra gewicht werd in een speciaal vest gestopt.

De paarden droegen een hartritmemeter en werden op gemiddeld niveau dressuurmatig getraind.

Sensoren

Daarna werd een zadeldruk-meter toegevoegd en werden de gangen geanalyseerd. Met sensoren werd de regelmaat van de gangen gecontroleerd en potentiële veranderingen in de symmetrie in kaart gebracht. Dat gebeurde in draf zowel op de rechte zijde alsook op de volte linksom en rechtsom.

Door middel van een speekseltest stelden de onderzoekers vast of de paarden last hadden van stress.

De resultaten van het onderzoek worden momenteel in kaart gebracht. Zodra deze zijn geanalyseerd, zullen ze worden gepubliceerd.

Bron: Horsetalk

Foto: archief

Goed longeren is goed trainen

0
Longeren
Longeren

Als je goed longeert, dan train je je paard ook goed. Het is meer dan je paard (geestdodende) rondjes laten lopen. Goed longeren is een verlengstuk van grondwerk en daarmee een leuke variatie op je training. Daarbij is het voor jonge paarden een prima voorbereiding op het zadelmak maken van je paard. 

Jong paard

Zadelmak maken en een paard inrijden begint altijd met een goede voorbereiding. Die voorbereiding begint ermee dat je ervoor zorgt dat je paard zich vertrouwd voelt onder de mensen. Dat het meeloopt aan het halster, dat je het vast kan zetten op de poetsplaats en ga zo maar door.

Hoofdstel aandoen?

Een volgende stap is het paard laten wennen aan het bit. Je kan daar mee beginnen door een keer een hoofdstel aan te doen, en na een tijdje weer uit te doen. Vandaar uit bouw je dat op, zodat het paard de tijd krijgt te wennen aan het bit in de mond én dat je paard stapje voor stapje leert hoe het is om lichte druk op het bit te hebben en de gewenste reactie daarop te geven.

Wat is de bedoeling?

Vervolgens begin je met longeren. Eerst moet het paard leren begrijpen, wat de bedoeling is van longeren. Om niet onnodig de mond te bezeren van je paard, maak je de longeerlijn in het begin vast aan een kaptoom of eventueel aan een halster. En longeer je bij voorkeur in een longeerscirkel of afgezette ruimte.

Vakkenis

Zodra je paard een beetje snapt wat de bedoeling is van longeren, kan je hem bijzetten. Hier zijn verschillende methodes voor. En het vereist vakkenis om de juiste methode toe te passen.  Uiteindelijk is het de bedoeling dat je paard leert nageven op de ‘weerstandbiedende teugel’.  Ook kan je je paard leren om aan de longe om op een ‘ophouding’ te remmen.

Goed longeren is goed trainen

Als een paard aan de longe nageeft is het later met het rijden direct makkelijker te sturen. Zodra een paard aan de longe met bijzet fijn loopt in stap, draf en galop, kan de ruiter die ze zadelmak maakt en er dus voor het eerst op gaat, aan het werk. Door een goede voorbereiding, zie je trouwens vaak dat het zadelmak maken niet zo heel veel meer voorstelt. Zodra een paard goed is aangereden, en snapt dat het op het been vooruit moet, op de teugel terug komt en het principe van sturen begrijpt, kan je het paard overnemen van de ruiter die het paard zadelmak maakte.

Leuke afwisseling

Longeren biedt vervolgens een leuke afwisseling in de training van het paard. En goed longeren kan je paard ook daadwerkelijk verbeteren. Longeren is een vak apart. Ook goed bijzetten tijdens het longeren, met oog voor waar het paard baat bij heeft, is iets wat vakkennis vereist.

Bron: CAP Magazine

Foto: Sabine Timman

Wat ziet een paard eigenlijk? (video)

0
Wat ziet een paard?
Wat ziet een paard?

Wat ziet een paard eigenlijk, en wat niet? Over dit onderwerp is al meer bekend. In Japan werd met behulp van drie pony’s onderzoek gedaan. De conclusie: het zicht van paarden, mensen en andere zoogdieren de afgelopen eeuwen flink geëvolueerd, ondanks de verschillen in leefomgeving.

Zoogdieren

‘Zoogdieren hebben zich aangepast aan hun natuurlijke habitat, variërend van de zeebodem tot hoge bomen,’ aldus auteur Masaki Tomonaga van de Universiteit in Kyoto. ‘De meeste zoogdieren leunen sterk op hun zicht. We waren daarom benieuwd wat zij eigenlijk zien en de dingen vanuit hun perceptie meemaken.

Drie pony’s

Het studieteam gebruikte een computer gecontroleerd touchscreen systeem om de visuele mogelijkheden van paarden te onderzoeken. Drie pony’s: Ponyo, Nemo en Thomas werden ingezet om de omvang en vormen van voorwerpen te analyseren. Tijdens het onderzoek kregen de dieren steeds twee vormen te zien, waarbij zij het juiste voorwerp moesten aanwijzen voor een beloning.

Wat ziet een paard?

De onderzoekers ontdekten dat de paarden zo’n 14% in verschillende cirkelgroottes kunnen onderscheiden. Mensen en chimpansees scoren aanmerkelijk hoger, maar de wetenschappers kunnen het verschil niet in een oogopslag verklaren. ‘Het lijkt erop dat de meeste zoogdieren voorwerpen vooral van elkaar onderscheiden door de grootte, en niet door de omgeving. De paarden vonden het moeilijk om vormen met bogen, horizontale, verticale of diagonale lijnen van elkaar te onderscheiden, terwijl juist mensen, dolfijnen en chimpansees hier handig gebruik van maken. Paarden letten meer op lokale componenten dan op de globale vorm.’

Inzicht krijgen

De volgende stap in het onderzoek richt zich op het leren begrijpen hoe dieren interpreteren wat zich voor hen afspeelt. ‘Interpretatie en cognitie zorgen ervoor dat je jezelf een beeld vormt van de wereld om je heen. Op deze manier hopen we een uniek inzicht te krijgen in de hersenspinselen van diverse soorten zoogdieren.’

Bekijk de video van het onderzoek

 

 

Bron: Horsetalk

Foto: Stock

Barokke paard op de kaart: nieuw concept “Classic Innovation”

0
Classic Innovation
Een jong paard gefokt volgens de filosofie van Classic Innovation

Onlangs werd een Stichting opgericht door Franse, Duitse en Nederlandse pionier fokkers om een nieuw concept te ontwikkelen waarbij het barokke paard meer ingezet wordt in de dressuurpaardenfokkerij. De naam van dit concept: Classic Innovation.

Klassieke rassen

Reeds 5 jaren geleden pakten deze fokkers het idee op om de beste kwaliteiten van barokke rassen in de warmbloed dressuur fokkerij samen te voegen. De klassieke rassen waren eeuwen lang de beste dressuurpaarden en zelfs heden ten dage hebben ze vaak nog veel talent voor verzamelde oefeningen. Beperkt gebruik van “Classic” bloed kan de zuivere warmbloed- rassen nog verbeteren, zo blijkt.

Doorgefokte verdelingskruising

De Stichting wil verbetering nastreven door gebruik te maken van talentvol klassiek (barok) bloed en ook meer dan alleen Engels en Arabisch Volbloed. Dit wil ze bereiken met verder doorgefokte veredelingskruising en tenslotte door verdringingskruising. Dus zo weinig mogelijk gewone kruising (50/50%).

Gezondheid

Deze juiste combinatie van vreemd bloed heft bovendien de inteeltdepressie op, die de huidige paardenfokkerij plaagt. De gezondheid straalt af van de veulens en paarden. Genetische defecten zullen wellicht ook verdwijnen (bv. het gen-defect WFFS)!

De mix

De volgende eenvoudige basis regels waaraan deze nieuwe “Classic Innovation” fokkerij moet voldoen, kunnen als volgt samengevat worden:
1. Uitgaan van kwaliteit dressuur gefokte paarden met:
2. Een belangrijk deel warmbloed.
3. Daaraan toegevoegd enig dressuur gericht “Classic” (of barok) bloed.
4. En tenslotte enig Volbloed (XX / OX / XSha of X) met dressuur aanleg.

Stamboeken

De eerste proeven zijn veelbelovend, zodat over een 5 tal jaren meer berijders op hoger niveau aan de slag kunnen gaan met deze bijzonder gefokte “Classic Innovation” paarden. Het AES gaat deze innovatieve manier van fokken ondersteunen en registreren. Dit jaar zijn andere stamboeken begonnen barok bloed met gewone kruisingen te gebruiken. De belangrijkste ervaring van onze stichting is echter dat het barok bloed niet voor 50% ingebracht zou moeten worden, maar terug gedrongen moet worden.

Meer informatie

www.classicinnovation.org

 

Bron: Persbericht / CAP Magazine

Foto: Classic Innovation

Slotstuk FEI Jumping Pony’s Trophy in Mechelen

0
springen

De twintig finalisten van de FEI Jumping Pony’s Trophy zijn bekend. Sinds oktober streed een aantal van de beste ponyruiters ter wereld om een plaatsje in de finale op Jumping Mechelen.

Sterren van de toekomst

De FEI Jumping Pony’s Trophy kan je gerust beschouwen als een wereldbeker voor de sterren van de toekomst, vindt de organisatie Vlaanderens Kerstjumping is dan ook zeer trots om voor de tweede keer op rij het slotstuk van deze mooie competitie te organiseren.

Met een indrukwekkend internationaal deelnemersveld, een spannende competitieformule en wedstrijden op de mooiste hippische events in West-Europa, heeft de Trophy alles in huis voor een mooi evenement.

Jumping Mechelen

Het initiatief werd drie jaar geleden gelanceerd door dan Ludo Philippaerts, Rodrigo Pessoa en Peter Bollen (sportdirecteur van Jumping Mechelen). ‘Tot 2016 stonden er tijdens het winterseizoen weinig grote wedstrijden voor ponyruiters op het programma. Met de FEI Jumping Pony’s Trophy willen we de Olympische atleten van de toekomst motiveren en voorbereiden op een prachtige carrière,’ aldus Peter Bollen.

De kwalificatiewedstrijden werden dit jaar gereden in Herning, Lyon en Stuttgard. ‘We kozen bewust voor topevenementen waar onze jeugd genoot van een prachtige infrastructuur, de piste deelde met wereldsterren en proeven reden onder grote publieke belangstelling. Dat zal ook het geval zijn in Mechelen.’

Beslissende ronde

De beslissende ronde staat voor op zondag net na de World Cup Jumping op het programma. ‘Dit wordt dus niet alleen een hoogtepunt voor de deelnemende ponyruiters, maar ook voor de Kerstjumping zelf. Ons publiek wil de helden van de toekomst vast en zeker al wat beter leren kennen.’

Molly Hughes Bravo

Aan de leiding van het klassement staat momenteel de Portugese Molly Hughes Bravo. Zij is de dochter van springruiter Miguel Bravo en de Ierse Marion Hughes, die ooit nog de Wereldbeker in Mechelen won. Vorig jaar ging de eindoverwinning naar Molly’s neef Seamus Hughes-Kennedy. Ook hij is opnieuw geselecteerd voor de finale.

Aline Sercu

De Belgische driekleur wordt verdedigd door Aline Sercu. Haar kennen we onder andere als winnares van de Gouden Laars. Ze kijkt al erg uit naar haar deelname. ‘De proeven zullen gegarandeerd hoog en technisch gebouwd worden. Maar ik zie het helemaal zitten. In Lyon liep het even mis toen mijn pony Opaline Optima struikelde in de driesprong.’

In vorm

Op de laatste kwalificatie in Stuttgart was de combinatie weer helemaal terug. ‘Opaline is mooi in vorm en mijn trainers Marc en Pieter De Brabandere hebben me goed voorbereid. Deze serie is ongetwijfeld één van de mooiste ervaringen uit mijn leven. Het smaakt naar meer, wie weet wel naar een professionele carrière in de toekomst.’

Bron: Jumping Mechelen

Foto: archief

Onderscheiding voor onderzoek naar Cushing

0
Stethoscoop

De Britse Equine Veterinary Association heeft dierenarts David Rendle onderscheiden vanwege zijn onderzoek naar de behandeling van PPID, ofwel de ziekte van Cushing.

Rendle gaf over de resultaten van het onderzoek een lezing tijdens een congres van de BEVA.

Behandeling PPID

David Rendle kreeg de Sam Hignett Award omdat hij nader onderzoek deed naar pergolide-tabletten, een medicijn voor de behandeling van PPID, een afkorting van ‘pituitary pars intermedia dysfunction’, bij paarden.

Rendle merkte onder meer op dat het middel niet smakelijk is en dat de tabletten moeilijk zijn te doseren  wanneer een pony  bijvoorbeeld een halve dosis voorgeschreven krijgt. ‘Er moet kritisch worden gekeken naar een alternatief voor dit medicijn,’ concludeert hij.

ACTH-hormoon

Rendle behandelde negentien pony’s met cushing, die niet op de reguliere medicijnen reageerden. Hij gaf ze een smakelijke pasta met dezelfde werkzame stof erin verwerkt. Bij veertien van de negentien pony’s daalde de hoeveelheid ACTH-hormoon, dat bij cushing-patiënten verhoogd is, aanzienlijk.

Rendle is als paarden-geneeskundige verbonden aan de Rainbow Equine Hospital in Old Malton, North Yorshire.

Gebruik antibiotica

Adam Redpath won the Voorjaarsdagen BEVA Award voor zijn proefschrift over de noodzaak van het gebruik van antibiotica bij paarden. Volgens Redpath heeft het beperken van het gebruik van antibiotica vergaande consequenties. ‘Er is behoefte aan een richtlijn voor wat betreft het verstandig gebruik van deze middelen.’

Redpath is als docent verbonden aan de University of Nottingham en is werkzaam als dierenarts. Hij doet onderzoek naar pijnstilling bij paarden en naar de toepassing van medicijnen bij paarden in het algemeen.

Hij zal zijn proefschrift over antibioticagebruik bij paarden nogmaals presenteren tijdens de European Veterinary Conference Voorjaarsdagen volgend jaar in Den Haag.

Bron: horsetalk.co.nz

Foto: archief Digishots

Concentratie en paardrijden

0
Concentratie
Focus tijdens het rijden

Bij goed paardrijden hoort een bepaalde mate van concentratie. En dan maakt het niet uit of je voor het eerst naar buiten gaat met je (jonge) paard, of dat je serieus competities rijdt. Je focus moet goed zijn.

Hier en nu

Het is een misverstand te denken dat alleen wedstrijdruiters zich moeten kunnen concentreren. Ook als je thuis aan het trainen bent, helpt het als je je focus bij je paard hebt, en je je niet af laat leiden door allerlei bijgedachten. Het gaat dus niet alleen om het neerzetten van topprestaties. Je ziet op alle niveaus dat mensen soms moeite hebben zich te concentreren. En je kan je eigen concentratievaardigheden wel degelijk verbeteren, vindt sportpsychologisch trainer Inga Wolframm: ‘Blijf met je gedachten volledig in het hier en nu.’

Opgaan in het moment

‘Concentratie is een ruim begrip. Want wanneer ben je nu eigenlijk optimaal geconcentreerd? Als iemand optimaal geconcentreerd is, ervaart hij of zij dit vaak als een geweldig gevoel. Een gevoel waarbij het besef van tijd verloren gaat. Je kunt het ook omschrijven als ‘het volledig opgaan in het moment.’ Eigenlijk streven we allemaal naar dit gevoel, maar waarom is het dan zo moeilijk dit steeds weer te bereiken?

Concentratie, voor iedereen anders

Iedereen heeft een favoriete manier van concentreren. Sommige mensen besteden al hun aandacht aan de wereld om zich heen. Terwijl iemand anders het misschien makkelijker vindt om de aandacht volledig op zichzelf te richten. We hebben allemaal geleerd dat we voor bepaalde taken ook een vorm van concentratie nodig hebben. Als je bijvoorbeeld met de auto onderweg bent, moet je veel aandacht aan de omgeving besteden, in plaats van aandacht te schenken aan hoe jij je op dat moment voelt.

Verschillende vormen

Er zijn verschillende vormen van concentratie. Hieronder een uiteenzetting:

1. Breed en extern: Dit wil zeggen dat je heel scherp in de gaten houdt wat er om je heen gebeurt. Je overziet je omgeving en de verschillende elementen daarin. In een sport als voetbal of polo kan deze vorm van concentratie heel functioneel zijn. Je weet waar je tegenstanders zijn en je kunt inspelen op de acties van je teamgenoten. Maar als je tijdens het rijden alle mensen langs de baan ziet staan of vooral oog hebt voor de andere combinaties die langs rijden,  dan is deze vorm van concentratie minder handig.

2. Smal en extern: Je focust je in dit geval op slechts een of twee dingen in je omgeving. Een springruiter heeft deze vorm van concentratie nodig om zijn parcours af te leggen en de afstanden naar de sprong goed te kunnen inschatten. Maar ook bijvoorbeeld een tennisser, die op de bal moet letten, concentreert zich vaak op deze manier.

3. Breed en intern: Hierbij ben je voornamelijk bezig met het analyseren van de situatie en het opzetten van strategieën. Je bent gericht op de signalen die jij zelf en ook je paard afgeeft. Je bent met jezelf in gesprek over wat je voelt en wat er onder je gebeurt. ‘Waarom reageert mijn paard zo? Wat moet ik nu doen om het op te lossen. Deed hij het gisteren ook al en wat heb ik toen gedaan?’ Dit zijn typische gedachten van iemand die sterk breed intern geconcentreerd is. Deze manier is vaak heel functioneel, omdat je de situatie goed analyseert. En dat is bijzonder handig tijdens het rijden.

4. Smal en intern: Dit wil zeggen dat je geconcentreerd bent op een of maximaal twee gevoelens of gedachten en dat je jezelf heel goed kunt afsluiten van wat er om je heen gebeurt. Tijdens deze manier van concentreren is het eenvoudiger om specifieke aanwijzingen te volgen. Zo kan deze vorm van concentratie handig zijn, als je wedstrijd rijdt en je je volledig wilt focussen op een ontspannen proef of op de juiste aanleuning. Ook gedachten als daadkracht of geduld kunnen een van je concentratiepunten zijn.

Blijven hangen

Het gevaar van concentratie is dat ook negatieve gevoelens de overhand kunnen krijgen. Misschien herken je de volgende situatie: Je bent aan het rijden en je bent vastbesloten te laten zien hoe je verbeterd bent aan je trainer (dit is al een vorm van smalle en interne concentratie). Vervolgens verloopt het niet helemaal zo als je gehoopt had en er gaat het een en ander mis. Het gevolg is dat je ‘blijft hangen’ in de gedachte ‘het lukt helemaal niet’. Je bevriest als het ware en blokkeert. Je stopt bijna letterlijk met rijden.

Stress situaties

Probeer nu eens te ontdekken welk concentratietype jij bent. Na iedere trainingssessie of bosrit, schrijf je op welke vorm van concentratie je in welke mate hebt toegepast. (HN: helemaal niet; BN: bijna niet; S: soms; V: Vaak; A: Altijd). Misschien herken je jezelf in alle typen wel een beetje maar, zoals gezegd, vervallen de meeste mensen  toch in een bepaalde manier van concentreren.

Bron: Hoefslag / CAP Magazine

Foto: Stock

 

Rijden in het bos, prima voorbereiding voor je wedstrijd

0
Rijden in het bos
Rijden in het bos

Rijden in het bos of op het strand, is op de eerste plaats ontzettend plezierig om te doen. Voor iedereen. Zeker ook voor de wedstrijdruiter. Die kan het zelfs inzetten als training om op wedstrijd een nog beter resultaat neer te zetten. 

Puntjes op de i

Je mist makkelijk punten als je niet de puntjes op de i zet in een dressuurproef. Dus we gaan tijdens de bosrit de precisie trainen. Zoals je naar een bepaald punt toe rijdt, zo richt je je nu ook op een plek waar je langs moet. Kies een boom of struik als marker en maak daar dan een overgang.

Je zijgangen oefenen

Tijdens je bosrit kan je je zijgangen optimaal oefenen. Je hebt geen last van alle hoeken die je door moet rijden. En als je het nodig vindt om een een bocht te maken, maak je die gewoon. Ideaal toch? Vind je paard een keer iets eng zet je hem er natuurlijk in schouderbinnenwaarts of wijkend voor de kuit langs.

Leren stilstaan

Heb jij ook zo’n paard dat het moeilijk vindt om stil te staan. Maak dan tijdens je bosrit gebruik van de dingen die je onderweg tegenkomt. Een hek open en dicht maken bijvoorbeeld. Voordat je dat probeert wacht je net zo lang tot je paard stil staat. Pas dan zet je hem opzij naar het hek toe.

De stap verbeteren

Een paard voelt zich tijdens de bosrit vaak happy. Hij is lekker voorwaarts. Geef je paard een lange teugel en laat hem lekker voorwaarts stappen. En neem dan de teugels eens op, en laat hem op je zit een beetje in terug komen in stap. Na enkele stappen geef je hem weer lange teugel. Lukt dit goed kan je dit afwisselen met halthouden en tussendoor (als je de teugels aangenomen hebt) een keer een keertwending rijden.

Spring een greppeltje

Springen over kleine greppels is gewoon super leuk. Voor ieder paard, ongeacht de discipline. Zoek een natuurlijke, kleine, makkelijke greppel om mee te beginnen. Werk van daaruit verder. Het is af te raden om afvoergreppels/-slootjes te gebruiken. Verzeker je ervan dat de bodem aan beide kanten geschikt is en er geen afval ligt.

Water

Oké in deze tijd van het jaar, kan je beter niet gaan zwemmen met je paard. Maar door een beekje, riviertje of door de zee stappen is altijd goed én leuk om te doen. Begin waar het ondiep is en overtuig je ervan dat de bodem veilig is. Bekende ruiters, zoals Britse Olympisch eventers Mary King en Nicola Wilson gaan regelmatig met hun (top)paarden voorafgaand aan een wedstrijd in het water om hun paarden vertrouwen te geven.

Omgaan met onverwachte gebeurtenissen

Je weet nooit wat je tegenkomt als je het bos ingaat, net zo min als je dat weet tijdens een wedstrijd. Als je paard gewend is aan verschillende terreinen, natte ondergronden, schaduwen, en alle anders dan de dagelijkse dingen, dan zou een wedstrijddag ook zonder problemen moeten kunnen verlopen.

Bron: Horse & Hound / CAP Magazine

Foto: Stock

Wat doe je als je paard te dik is?

0
Te dik
Wat te doen als je paard te dik is?

De laatste jaren is het aantal paarden en pony’s met overgewicht flink toegenomen. Door teveel krachtvoer, te rijk gras en het verkeerd inschatten van het werk dat ze nodig hebben, krijgen veel dieren simpelweg meer energie binnen dan zij verbranden en worden ze te dik.

We doen er wat aan

Overgewicht is een extra belasting voor de gewrichten en organen en kan tot stofwisselingsproblemen leiden die moeilijk te genezen zijn. Reden dus om te zorgen dat je te dikke paard of pony terug te brengen op zijn ideale gewicht.

1. Minder of geen krachtvoer

Krachtvoer is een geconcentreerde energiebron, wat wil zeggen dat een paard zelfs bij een beperkte hoeveelheid aardig wat energie binnenkrijgt. Die energie heeft een te dik paard niet nodig. Afhankelijk van de ernst van het overgewicht, kun je het krachtvoer dus uit het rantsoen schrappen of de krachtvoergift verlagen.

2. Grove kwaliteit ruwvoer

Hooi of kuil wat veel blad bevat, is rijker aan energie dan ruwvoer gemaakt van ouder gras met meer stengel. Zo’n soort ruwvoer is wat grover van structuur en voelt wat harder aan. Vanwege de lagere voederwaarde en het hoge ruwe celstof-gehalte is grof ruwvoer een betere keuze voor te dikke paarden, in vergelijking tot een fijnere kwaliteit. Houd er wel rekening mee dat alleen een ruwvoeranalyse uitsluitsel kan geven over de voederwaarde van ruwvoer.

3. Vitamines en mineralen

Wanneer er geen of weinig krachtvoer wordt gevoerd, is de kans op ‘gaten’ in de vitamine- en mineralenvoorziening groot. Het is daarom raadzaam om altijd een compleet vitamine- en mineralensupplement bij de te voeren, of bijvoorbeeld een vitaminekoek. Zo wordt toch voldaan aan de behoefte aan vitamines en mineralen, zonder dat een paard daar ook teveel energie mee binnenkrijgt.

Graasmasker, slowfeeder

Paarden worden van gras vaak gemakkelijk dik. Vooral voor paarden die al te dik zijn, kan weidegang vanwege de grasopname soms ongewenst zijn. Om een te dik paard toch de voordelen van weidegang te kunnen bieden, is een graasmasker een uitkomst. Met zo’n masker kan een paard minder gras eten. Ook een slowfeeder, op stal en/of in de wei, kan een manier zijn om ervoor te zorgen dat je paard langer doet over zijn ruwvoer en dus minder eet en zich minder snel verveelt omdat zijn hooi al op is.

Bron: Hoefslag / CAP Magazine

Foto: Stock

Hart voor je paard

0
Hart voor je paarden
Hart voor je paarden

Wij paardenliefhebbers hebben hart voor onze paarden. Maar over het paardenhart is veel opmerkelijks te vermelden. Wist je bijvoorbeeld dat een paard (onbewust) zijn hartslag synchroniseert met de hartslag van zijn ruiter?

Gespannen

In 2009 ontdekten wetenschappers in Zweden dat een verhoogde hartslag bij de mens leidde tot een verhoogde hartslag bij het paard dat hij begeleidde. Het was onder meer professor Linda Keeling die aan dit onderzoek bijdroeg. Concreet betekent dit dat als jij gespannen bent en je begeleidt je paard ergens naar toe, er kans is dat je paard ook gespannen gaat reageren. Want een verhoogde hartslag bij het paard leidt tot verhoogde alertheid en meer kans op schrikreacties.

Hartslag

Maar het gaat nog een stap verder. Want wat blijkt enkele jaren later uit onderzoek: Paarden synchroniseren hun hartslag met die van hun ruiter. Dat paarden hun hartslag synchroniseren met paarden uit de kudde waar ze inlopen was overigens al eerder bekend. Maar ze doen dat dus ook met jou als ruiter. En als ze bij een groep mensen staan, dan synchroniseren ze hun hartslag met de persoon die de meeste leiderschap uitstraalt.

Bron: Horse & Hound / CAP Magazine
Foto: Istockphoto.com

 

Witte paarden discussie

0
Witte paarden
Witte paarden komen in de natuur eigenlijk heel weinig voor.

In Nederland is een ware Zwarte Pieten discussie aan de gang. België doet daar nog niet zo erg aan mee. Maar niemand heeft het over het paard van Sinterklaas. Dat altijd wit moet zijn. Waarom eigenlijk? Wit is geen ‘gewone’ kleur voor een paard.  In het wild komen witte paarden weinig voor, omdat ze voor roofdieren natuurlijk makkelijk te vinden zijn.

Wodan

Bij de kleur wit denken veel mensen aan het goede en onschuldige, reinheid en zuiverheid (een bruid trouwt vaak in het wit). De Germaanse god Wodan reed op een groot wit paard. Dat was in het verleden reden voor hoge heren om ook een schimmel te rijden. Dit stond apart en voornaam.

Zeldzaam

Toen mensen paarden gingen fokken om op te rijden werd wit dus een geliefde kleur, omdat deze kleur zo zeldzaam was en omdat wit symbool staat voor het goede. Vanwege de zeldzaamheid konden alleen bijzondere mensen een wit paard kopen. Veel koningshuizen bezaten bijvoorbeeld witte paarden. Zo kreeg het witte paard een bijzondere status. Een aantal voorbeelden: De prins op het witte paard. Bij het St. Maartensfeest op 11 november rijdt St. Maarten op een schimmel. De Noorse God Odin reed eveneens op een wit paard met acht benen. Een eenhoorn is ook een wit paard. In Engeland kent men het prehistorische witte paard van Uffington. Napoleon had een Arabische schimmel. In het verhaal van de Apocalyps is het witte paard het rijdier van de overwinnaar. Kunstschilder Rubens beeldde Pegasus als een wit (gevleugeld) paard uit. Schilder Seurat schilderde in ‘Het Circus’ een schimmel. Een ruiter op een schimmel is vaak een mythisch wezen.

Sinterklaas

In deze lijn ligt het voor de hand Sinterklaas ook op een wit paard te laten rijden. Toch zie je steeds minder Sinterklazen te paard. Nederland en België kampen al jaren met een tekort aan geschikte schimmels voor Sinterklaas. Niet dat er minder schimmels zijn in Nederland en België. Het is meer zo dat er nog maar  weinig schimmels blijken bestand tegen de stress van een intocht. Dit omdat het karakter van onze hedendaagse paardenstapel met het oog op de sport vaak sensibel en gevoelig is, dit in tegenstelling tot een aantal decennia geleden toen er meer sprake was van werkpaarden.  En zo’n sensibel paard, is geen goede match voor Sinterklaas. Noodgedwongen kiest Sint steeds vaker voor alternatieven, zoals een koets of een auto (cabrio).

Lichter worden

Nog even over schimmels. Vrijwel alle schimmels hebben als veulen kleur. Bruin, vos of zwart, in elk geval zijn ze nooit wit. Het lichter worden van de vacht kan heel snel gebeuren bij het ene paard, en zeer langzaam bij het andere. Het tempo waarmee een schimmel wit wordt, lijkt ook genetisch bepaald te zijn. Schimmels kunnen in veel paardenrassen voorkomen. Door erfelijkheidsfactoren komt deze kleur bij sommige rassen, zoals de Andalusiër, de Connemara en de Lipizzaner vaker voor dan bij andere rassen.

Schimmelen

Bij het ‘wit worden’ (ook wel schimmelen genoemd) van een jong paard verandert de vacht van een donker veulen langzaam in een gevlekte vacht en die wordt vervolgens helemaal wit, of wit met kleine zwarte of bruine plukjes haar. Dit begint meestal aan het hoofd, rondom de ogen, en aan de flanken. De tussenvormen, die vaak een eigen naam hebben, zijn dus altijd tijdelijk. Namen voor de tussenvormen zijn: appelschimmel (sterk zwart wit gevlekt), blauwschimmel, roodschimmel, bruinschimmel (met oorspronkelijk bruine vacht die nog doorschemert) of muskaatschimmel. De volgroeide schimmel kan echter nog wel enige haren van een andere kleur in zijn vacht hebben; een vliegenschimmel heeft bijvoorbeeld kleine donkere vlekjes. Werkelijk witte paarden, die ook wit geboren worden, zijn zeer zeldzaam. Ze hebben een speciaal gen dat voor deze witheid codeert. Het verschil tussen een schimmel en een dominant wit paard is de kleur van de huid. Schimmels hebben een zwarte huid, dominant witte paarden hebben een roze huid.